Lekker knallen

E74795F9-EAEF-4D0C-AB5B-CAE671BCCB9F.jpeg

“En, hoe gaat het met jou, Lex? Lekker aan het knàllen?!”

Ik val stil terwijl ik in mijn hoofd graaf naar een passend, bevestigend antwoord. Ik vind het niet. Ik blokkeer op het woordje ‘knallen’ en mijn weerstand vertaalt zich in een mentale blanco. Zoekend geef ik antwoord:

‘Euhh. Nou. Het gaat goed, ik voel me fijn, heb mooie opdrachten, verheug me elke dag op wat op me ligt te wachten en zet daar met plezier mijn tanden in.’

“Ah wat goed, écht lekker aan het knallen dus!”

Ongeduldige ergernis trekt door mijn lijf. Waarom wil iemand zo graag horen dat er geknáld wordt; is het dan pas Goed ofzo? We ronden ons gesprek af en ik leg mijn telefoon weg.

Ik kauw nog even op wat zojuist gebeurde. Wat was dat en waarom voelde ik het zo sterk? Ineens, helderheid: Zeker, ik heb een grote innerlijke drive en zit hoog in mijn energie. En in combinatie daarmee komt mijn beste performance vanuit een basis van rust en balans. Twee pijlers onder mijn meest autonome kracht. Deze basis heb ik hard bevochten en bevecht ik nog steeds zo vaak. Tegen de verlokkingen van Sneller, Harder, Hoger.

Kalm vs. Knal.

In mijn hoofd popt de herinnering van iemand die zegt: ‘Waarom gedraag jij je als sneltrein als je meer een boemel bent?’

Niet sexy, wel raak. Ik glimlach, adem en kom tot rust. Was ik er bijna weer ingetrapt.

K.*.C.K I.T.: omdat echte impact ontstaat in de optelsom van good, bad èn ugly!

Werkelijk met impact tot uiting komen, is jezelf ten volle laten zien. In al jouw glorie; good, bad èn ugly.

Die optelsom is namelijk waar jij mee raakt en waar een ander bij aanhaakt. Het begint ermee dat je dit alles zelf weet, kent en -het belangrijkste- dat je hier comfortabel mee leert zijn; je oprecht neerlegt bij het gegeven dat ook jíj komt met haakjes, oogjes en gebreken, ze  zelfs wellicht oké vindt voor wat ze zijn.

Een oncomfortabel idee misschien om je hier niet meer door van de wijs te laten brengen?

Dat is het ook! Want we hebben nu eenmaal geleerd om niet te koop te lopen met onze onvolmaakt- en onvolkomenheden.

Echter, het alternatief is dat je van binnen wel van alles voelt borrelen; de ideeën, plannen en  ambities. Maar dat je van buiten (te) stil blijft. Omdat je het allemaal niet 100% helder krijgt. Niet goed durft. En trouwens, hoe langer je erover nadenkt, hoe meer je twijfelt aan dit alles en aan jezelf.

Een tobberig cirkeltje waarmee jij jezelf geen recht doet maar wel inboet aan impact. Doodzonde.

Ik weet precies hoe vervelend het kan voelen, dit er-niet-goed-bij-kunnen en daardoor onbenut laten van je volle potentieel. En hoe bevrijdend en daarmee gelukkig-stemmend het is om de twijfel van je af te schudden. In de spiegel te kijken en vol te gaan staan voor wat je ziet. Ja, dus óók voor die kreukels, vlekjes en vouwen. Zonder the bad en the ugly is the good voornamelijk nogal saai.

Laat je daarom inspireren en doe mee met de “Kom-in-Actie-vergroot-je-Charisma-Koester-jouw-Identiteit-en-wees-er-Trots-op!”-dag, die ik samen met partner-in-lef Marieke Jansz organiseer.

K.*.C.K.I.T.! dus: precies het gevoel dat helpt om wèl die gewenste impact te hebben.

Doe je mee op 23 januari of 9 februari 2018? Meld je hier aan:

https://mariekejansz.com/index.php/training

 

Premeditatio Malorum – van lijden naar leiden

IMG_0299

“Premeditatio Malorum”. Klinkt een beetje als een Harry Potter-bezwering, vind je niet?

Waarbij je dan met zo’n toverstokje zwaait om vervolgens luid en gedragen “PRRREEE-MEE-DITAAA-TIO MA-LOO-RUMM!!” het universum in te gooien en poef!, voltrekt zich het wonder.

Ja, mooi!

Zo werkt dit alleen niet helemaal.

Stoicijns leven

De Premeditatio Malorum is een oefening uit de Stoïcijnse leer en houdt in dat je nare dingen of problemen in het leven te boven komt, door de geest erop voor te bereiden.

Heel kort: de leer der Stoïcijnen is een van oorsprong Griekse filosofie. Vrij vertaald laat de ware Stoïcijn zich niet leiden door opvlammende emoties. Acceptatie van het moment zoals het zichzelf presenteert geeft kalmte en overzicht en daarmee vrijheid van handelen.

Stille geest

Laat dat nou een van de doelen in mijn leven zijn: het nastreven van zo’n soort vrijheid. Het verkrijgen van een stille geest in plaats van een brein dat te vaak direct in de overlevingsstand gaat en mij daardoor ook nog wel eens op voorhand tegenhoudt te doen wat ik wel graag zou willen doen.

Of bangebroek

Angst voor het emotionele effect, het zogenaamde lijden, weerhoudt mij van bijvoorbeeld:

  • Midden op straat in gezang uitbarsten omdat mijn hart jubelt en ik daar zo’n zin in heb maar wat ik niet doe omdat ik niet kán zingen, iedereen me vast gaat uitlachen en ik voor paal sta.
  • Mijn of onze rugzak pakken en gáán! Het spaargeld bestedend aan allerlei waanzinnige ervaringen, zoals ik dat altijd deed. Maar sinds ik er financieel alleen voor sta, hou ik mijn hand op de knip. Want straks lekt het dak ineens of stort de 200 jaar oude buitenmuur in en dan? De paniek van het dan niet in staat zijn de basis te kunnen fixen, slaat mijn reislust helaas neer.
  • Meer lak hebben aan wat anderen misschien van mij vinden. Bijvoorbeeld met wat ik schrijf. In alle vrijheid woorden geven aan wat in mij opwelt om verteld te worden om daarna gewoon op ‘publish’ te drukken. De grote kans op narrige reacties, aantijgingen en geroddel weerhouden mij ervan. Waarom? Tja; angst voor afwijzing, niet geaccepteerd of uit het nest geduwd worden.

Glibberend naar beneden glijden

Een klein puntje van een grote ijsberg. Waar al die angstige vermoedens vandaan komen is weer een ander verhaal maar bij elkaar is het behoorlijk nederigmakend voor iemand die het leven ‘unbounded’ tegemoet wil treden, vrij van zelfopgelegde grenzen.

Daarom streef ik ernaar mij in mijn keuzes minder te laten leiden door de angst voor pijn, verdriet, onzekerheid of wat dies meer zij. Natuurlijk, die ijsberg van mij is niet meer dan menselijk. Iedereen heeft zo’n berg. Maar ikzelf heb de keuze of ik er de hele dag vanaf glibber of dat ik het ding met ijzers, touwen en een pikhouweel bedwing.

Tools dus

Premeditatio Malorum ís zo’n tool. Je haalt je een vervelende situatie voor de geest die jou zou kunnen overkomen en stelt je voor hoe en wat die situatie emotioneel met jou doet. Dit met enige regelmaat oefenen ontneemt de emotie zijn macht jou te overweldigen op het moment dat de vervelende gebeurtenis zich inderdaad voordoet. Want; been there, done that.

Ga maar eens nare dingen na die jou vaker dan eens zijn overkomen. De tweede, derde of -tigste keer was de emotie waarschijnlijk net iets minder overweldigend dan die eerste ervaring.

Van lijden naar leiden

Let wel: het betekent níet dat je de emotie niet hebt! Het bewerkstelligt dat de emotie jou niet, of in ieder geval een stuk minder, overvalt en meesleurt en dat je mentaal gebalanceerder kunt (over)leven. Wanneer die rotsituatie zich voordoet, ben jij voorbereid en daarmee kalmer in je bovenkamer die vervolgens soepeler kan doorschakelen naar aanvaarden en doorgaan.

En als je weet dat je kunt aanvaarden, dan weet je ook dat je kunt Doen. Zie je het voor je? Magisch!

Tóch een beetje Harry Potter dus.

 

Voor moedige mensen: echte verandering in 10 stapjes

ijsberg

Een Fuck-it list, Zwaai-maar-ge-dagboek en een Toedeloe-livre. Ik heb het allemaal. Maar veranderen, échte verandering, is als het beklimmen van een ijsberg met moedig doorzetten als vereiste. Sounds like fun? Dat is het

Het veranderen waar ik op doel gaat over het bewust worden, inzien, doorzien en uitzwaaien van onze (overlevings)mechanismen en patronen. Sommige steentijd-oud, anderen nieuwer.

Ons brein is niet alleen wired vanuit ons leven nú maar ook nog steeds een beetje vanuit tigduizend jaar met het destijds broodnodige “vechten of vluchten”. Maar ons brein maakt het geen onderscheid tussen steentijd, 1985 of nu. Best raar eigenlijk. Want heb jij ooit oog in oog gestaan met een reusachtige grothyena of de woeste buur-holbewoner die honger heeft en dus loert op jouw met hard werken en gevaar voor eigen leven aangelegde voorraad? Vast niet. En toch reageren ons brein en lijf soms nog steeds alsof precies dát gevaar ons aanstaart.

Afkomen van je ingesleten patronen en persoonlijke strategieën… ga er maar aanstaan. Bij mij zijn bepaalde paadjes in mijn hoofd na jaren ploegen dusdanig diepe groeven dat de naald er echt elke keer weer in blijft hangen.

Niet zomaar weggepoetst dus, maar het kán wel! Hoe ik dat doe? Met moed (soms die der wanhoop), doorzettingsvermogen en in 10 stapjes.

1. Lezen

Van alles, on- en offline, over hoe ons brein werkt en vanuit die opgedane kennis proberen te begrijpen hoe dat er dan in míjn brein aan toegaat.

2. Vragen

Met enige regelmaat vraag ik mensen om mij heen om feedback op hoe ik doe. Dit is niet altijd even leuk of makkelijk maar wel fijn en ook louterend: “Lex, soms lijkt het alsof jij een excuus zoekt om iets níet te doen of aan te gaan terwijl ik weet dat je het wel graag zou willen doen. Eigenlijk vind ik je dan een afhaker.”

3. “Waarom” achterhalen

Pas als ik inzicht heb in het ‘waarom’ van een bepaalde gedraging, kan ik nadenken over een andere benadering. “Wat maakt dat ik soms afhaak? Dat ik bang ben om af te gaan of om niet goed genoeg te zijn.”

Een beslissend moment pinpointen waarop dit soort ongezellige gedachten of emoties gestoeld zijn, werkt als een trein. Komt-ie: ‘Leuk dat je zo enthousiast hebt meegedaan maar je bent niet goed genoeg. Gek, dat hadden we wel verwacht, zeker gezien je achtergrond.” Voor mij met mijn van nature wat broze zelfbeeld, leverde deze interactie een gezellige overtuiging op: “Wat hij zegt is dat ik dus de loser thuis ben..”.

Auw. In dat gevoel van toen ga ik even helemaal zitten en me realiseren wat dit met mij doet.

4. Eerlijk zijn

Alleen als ik eerlijk voor mijzelf ben over de motivaties en emoties, ook als ze heel donker zijn, kan ik er iets mee: “Eigenlijk wil ik niet dat anderen beter zijn. Ik vergelijk mezelf dan met hen en voel me een loser. Soms voel ik dan ook boosheid en jaloezie.”

5. Valideren

Op het moment dat ik mijzelf veroordeel over wat ik voel of denk, is er geen ruimte voor beweging. Die ruimte is er pas op het moment dat ik mezelf accepteer, ook de donkere kant. Dus met liefde naar mezelf een waarde toekennen aan mijn gedachten, dat is belangrijk: “Het is oké om dat te voelen maar ik doe mijzelf wel geweld aan met iets dat vrij oud is. Wat kost mij dit en wat levert het me op?”

6. Relativeren

Vooral het antwoord op “wat levert het mij op?” is vaak cruciaal simpel en verhelderend: “Helemaal niets (goeds)”. Ook de realisatie wat het me kost, helpt. Want niemand voelt zich beter door verlies van energie, goede stemming en positief gemoed.

7. Neutraliseren

Tijd om de emoties en/of angsten ter discussie stellen en ze kleiner of luchtiger te maken: “Is het wáár dat iets niet meteen goed kunnen mij een loser maakt, vind ik dat zelf écht? En wat is het allerergste dat mij kan overkomen als ik het gewoon aanga?” Het antwoord is ‘nee’ en ook dat ik er niet van dood zal gaan. Geen gevaarlijke grothyena en ook geen knuppelende buurman.

8. Besluiten afscheid te nemen

Vanuit deze inzichten het besluit nemen dat de loser-overtuiging mij zinloos belemmert en dat ik het dus gedag ga zwaaien, neutraliseert de negatieve emotie en dus pas ik mijn gedrag aan. Een prettig gevoel van meesterschap!

9. Visualiseren

Dit afscheid visualiseer ik. Waarom visualiseren? Heel simpel gezegd: omdat het brein nog meer van de plaatjes houdt dan van de praatjes! Ik beeld de vervelende gedachten in als een ballon, zet in mijn hoofd het raam open, laat de ballon wegvliegen en zwaai ‘m na: bye bye!

10. Herhalen, herhalen, herhalen

Dit rijtje een keer doorlopen betekent niet dat ik voortaan nooit meer last heb van deze overtuigingen en gevoelens. Nee zeg, was het maar zo makkelijk! Patroonmatige gedachten en hun emoties komen, ingesleten als ze zijn, steeds terug. De truc is om alert te blijven en de stappen te herhalen, herhalen, herhalen. Telkens zal het mij makkelijker afgaan om te herkennen, waarderen en afscheid te nemen.

Totdat ik op een dag merk dat ik die stomme gedachte en het bijhorende gedrag een stap voor ben.

Díe dag … is een heel mooie dag!

 

Over de reis van Fake It naar Fuck It

de-reis

De druk en behoefte die we voelen om onszelf anders voor te doen, kan aanzienlijk zijn. We hebben namelijk niet geleerd dat we precies goed zijn zoals we zijn. Nee; het moet altijd anders en liefst een beetje beter.

Ik zeg ‘we’ omdat m.i. niemand ontkomt aan dit fenomeen. Onze sociaal-culturele context ramt het er in: tijdens onze opvoeding, via ons onderwijs en in een maatschappij die overweldigend prestatie-gericht is. De nadruk ligt niet op het gegeven dat je goed bent zoals je bent. De boodschap is hoe je zou moeten zijn en zou moeten doen. Natuurlijk geloven we dat! En dus handelen we ernaar, ieder op zijn of haar eigen manier.

Dit verhaal gaat over verliezen en terugwinnen.

Het vreemdgaan

Onbegrip, loyaliteitsconflicten, dogma’s, gênes en afwijzingen: vanaf onze vroegste jeugd zijn dit de constant aanwezige ingrediënten voor vreemdgaan ten aanzien van je ware zelf.

Wie kent ze niet:

  • “Lieverdje, kom eens achter mijn been vandaan en ga lekker spelen met die kinderen. Kom, hou nou op met zo raar verlegen te doen. Spelen is toch leuk!?” Ik wil gewoon even alleen met jou, pap, maar dat is dus misschien raar.
  • “Waarom vermaak jij je niet terwijl alle anderen het leuk vinden? Stop alsjeblieft met dat ge-chagrijn en ga vanavond maar eens extra vroeg naar bed.” Nou mam, ik vind er gewoon niets aan maar dat snap jij niet en kennelijk ben ik de enige. Het ligt dus aan mij.
  • “Knap zeg, dat jij die rekensom hebt opgelost zoals je dat hebt gedaan! Maar we gebruiken een andere methode, dus helaas moet ik de jouwe fout rekenen, dat snap je wel.” Nee! Dat begrijp ik absoluut niet. Wat maakt het nou uit hóe ik van A naar B kom, als ik er maar kom, toch?! Maar goed, wat ik bedenk is kennelijk niet goed dus pas ik me aan.
  • “Leuk dat je meedeed met de extra training maar helaas kom jij niet in de selectie.”  Hoezó zit ik er niet bij en de rest wel? Kennelijk zijn zij allemaal wel goed en ik niet. Eigenlijk wilde ik ook niet…

Aanpassen en jouw ‘zelf’ ontkennen in plaats van in jouzelf te geloven.

Fake it

In die vormende jaren (b)leek het niet-eerlijk zijn naar mezelf makkelijker voor mij dan dichtbij mijzelf te blijven. Angsten verbergen met een schaterlach, zwijgen als ik zin had om te gillen, katten als ik eigenlijk wilde huilen en meppen als iemand te dichtbij kwam want dat voelde niet veilig. En steeds had ik het gevoel dat er iets niet klopte.

Het leven ging door, ik ging door en deed ondertussen vrolijk mee met het self(ie) pimpen en fakebooken. Heerlijk om zo op beeld te zien hoe er niets schortte aan mijn geweldige, vrolijke en overall succesvolle leven.

Right ..

Dodelijk vermoeiend en een one way ticket to hell. Ik voelde me niet gelukkig, miste iets maar wist niet wat. Mijn scheiding leek even het antwoord maar ook het ongelukkig zijn in deze relatie bleek meer een symptoom dan de werkelijke oorzaak. Een teken aan de wand: uiteindelijk zakte de wankele -want onechte- bodem waarop ik stond onder mij uit.

En ik? Ik verzoop.

Fuck it

Het kostte wat maar godzijdank lukte het me ook weer boven te komen. In een proces dat toen begon en als het aan mij ligt niet meer stopt, kwam ik erachter waar het misging en hoe dat neerkwam op slechts één simpel feit:

Ik hield mijzelf permanent voor de gek

Toen dit kwartje viel, viel het snoeihard en ik besloot: Nooit.Meer.Fake. Ik vond hiermee niet alleen mijzelf terug maar ook de moed om stap voor stap te gaan staan voor wie ik ben en wat ik doe.

En steeds als het lukt onvoorwaardelijk naar mijzelf te zijn, ben ik gelukkig. Een betere incentive bestaat niet!

Good, bad en ugly

Mijn uitingen, waar en op welke manier dan ook, zijn sindsdien een vertaling van mijzelf en niet meer die van een ander. Of het nou in een face-to-face gesprek is, online of op papier. Met mij krijg je mijn good, mijn bad én mijn ugly. Want alleen dan klopt het.

Alhoewel, ugly? Bijhorende foto’s zijn soms met filtersausje overgoten. Zeker, ik ben pre-cies goed zoals ik ben. Én …. er is altijd ruimte voor verbetering. Dat ook.

 

Change your game; verjaag je innerlijke reptiel

image

Mijn wereld keert naar binnen: waarneming vanuit ogen en oren versmalt en dempt, hersens werken trager, hartslag versnelt. Ik krijg het heet en koud tegelijk en hang tussen twee impulsen: wegwezen of to charge and kill?!  

Zie hier de reactie die ik bij mezelf waarnam toen ik werd geconfronteerd met een stress-trigger. Naderhand was ik verbaasd over het verwoestende effect dat een ogenschijnlijk klein incident op mij had.

App die mij van mijn sokkel sloeg

Het incident? Een app-bericht over iets wat ik gezegd zou hebben en wat daar de consequentie van zou kunnen zijn.

Doe normaal: dat is te onbeduidend om bij stil te staan!

Ja, dat zou je zeggen. Maar voor mij kennelijk niet want het was onwaar, raakte aan mensen die ik liefheb en ik kon me er niet tegen verdedigen. Teveel voor mijn brein om aan te kunnen en mijn innerlijke alarm ging op rood: gevaar!

Het brein en de werkende lagen

Ooit leerde ik iets over de werking van de hersenen in 3 met elkaar communicerende lagen. In een versimpelde notendop: vanuit het reptielenbrein worden de meest basale functies aangestuurd waarmee wij (over)leven. Ook huizen daar onze primaire impulsen fight, flight en freeze die we ervaren in overlevingssituaties. In ons zoogdierenbrein zitten de emoties en het geheugen dat ermee is verbonden. Er omheen ligt de ratio die ons helpt bij het nadenken, verbanden leggen, keuzes maken en zelfreflectie.

In goede onderlinge samenwerking maken deze drie brein-lagen dat wij ‘normaal’ doen.

Reductie tot reptielenstatus

Als hevige stress om de hoek komt kijken, blokkeert de zuurstofstroom naar je ratio en werkt relativerende deel van je brein even niet. Dan nemen negatieve emoties en jouw overlevingsgedrag het over. Simpel gezegd kom je terecht in een staat van disfunctioneren: het reptiel zwaait de scepter.

Koppeling herinnering-emotie-gedrag   

Overlevingsgedrag ontstaat in je vroege jaren. Je maakt dingen mee die jouw primaire impulsen prikkelen en daar negatieve emoties aan koppelen. Het brein onderscheidt geen ‘toen’ en ‘nu’, zij vindt het één pot nat. In je leven komen steeds situaties voorbij die voor jouw brein diezelfde emotionele lading hebben en daarmee hetzelfde primaire gedrag oproepen. Een kleine, onbeduidende trigger kan hierdoor een groot emotioneel gevolg hebben en daaraan gekoppeld onevenredig primair (lees: woest) gedrag.

Wat kun je doen?

Op een moment van grote stress is alle aandacht bij jouw primaire impulsen, je wilt vechten of vluchten! De kunst is om de aandacht te verleggen en zo het systeem te herstellen. Als dat lukt, kun je weer helder denken en doen. De oplossing zit ‘m in het adem halen en het ont-spannen van je spieren.

Adem in, adem uit

Rustig en diep ademhalen brengt die zuurstofstroom weer op gang. En omdat ons brein zich graag laat afleiden door plaatjes, helpt het extra de weg van je adem te visualiseren: door neus, keel en borst naar je buik, het daar even rond laten gaan en dan dezelfde weg weer terug.

Kom in beweging

Je systeem staat strak, klaar om te vechten of heel hard weg te rennen. Die spanning moet eraf. Dat kan simpel door je spieren even extra aan te spannen, de ontspanning volgt daarna vanzelf. Zo werkt ons lijf nou eenmaal. Daarom is sporten ook zo goed. En seks. En schrijven.

Hallelujah, dát klinkt makkelijk! Het herstel zit gewoon in het bewust gebruik maken van wat er al is; je adem en je spieren!? Ja, dat klopt. En als je je daar eenmaal echt van bewust bent, dus niet omdat je het nu gelezen hebt maar na lang en veel oefenen en toepassen en dan nóg eens (en nog eens), gaat het jouw game changer zijn. Ik beloof het je.

Dat appje dus?

Midden in mijn stressreactie als gevolg van dat stomme appje, terwijl ik niet in staat was te bewegen, mijn mond kurkdroog voelde en ik zag dat de kinderen tegen me praatten, maar ik me niet kon focussen op wat zij zeiden, realiseerde ik me wat er aan de hand was: mijn reptiel zwaait de scepter! Dus ik deed wat ik heb geleerd: ik haalde een paar keer heel diep adem, stond op en maakte een paar kniebuigingen (je moet toch wat terwijl drie kinderen je aanstaren) en keerde als vanzelf terug.

“Wat doe je mam?”

“Oh, niets bijzonders liefje, ik verjaag even een vervelend beest …”