Verzuipen of zwemmen?

11AC04B0-79A9-4283-88EB-8BC8E45B2E1B

5 jaar geleden was het over en stond ik er gevoelsmatig ineens alleen voor. Met kinderen, huis, het leven + alles wat hierbij komt kijken.

Even was daar totale paniek en kon ik kiezen: verzuipen of zwemmen? Angstig en vol oordeel over mezelf lag ik in dat koude water, bang om aan een ongewisse tocht te beginnen. En toch, er zat maar één ding op…

Komende vanuit een achtergrond waar ik altijd in een boot zat en überhaupt niet hoefde te zwemmen als ik daar geen zin in had, was dit een mentale game changer.

Mijn: “ja maar, ik weet niet zeker of ik wel goed genoeg kan zwemmen” of “help, de overkant is te ver, ik zíe m niet eens!” veranderden al plonzend en naar adem happend in “Rustig aan, slag voor slag, reguleer je ademhaling” en “Als je goed kijkt kom je op weg naar de overkant allerlei drijfhout, eilandjes en boeien tegen waar je op uit kunt blazen.”

5 Jaar later, soms schoolslag dan crawl en dan weer even genietend uitdrijven op mijn rug, zwem ik vrij steady naar die overkant.

Zie ik ‘m al?
Nee.

Is dat erg?
Nee!

Als ik maar blijf ademhalen en op die cadans blijf gaan. Dat brengt mij waar ik gaan wil. Met een sterker lijf, krachtiger hoofd en gelukkiger hart. Want in plaats van vol oordeel ben ik nu trots op mezelf.

De les? Als je verliest, heb je vervolgens van alles te winnen.

Waarderen

90863CF2-E606-4D2E-9201-585C7509B651

“Mam, wát heb jij allemaal gedaan deze dagen?”

Jongste en ik zitten saampjes aan de woensdaglunch en nemen de maandag en dinsdag even door want dan zijn zij bij hun vader. Mijn attente vriend houdt niet alleen van vertellen en aandacht opeisen, hij is ook oprecht geïnteresseerd in anderen en hun welbevinden. Een mooie eigenschap.

“Nou, ik heb voornamelijk gewerkt, had ook veel afspraken.”

“Oh leuk en was dat dan voor nieuwe opdrachten?” Op een of andere manier hangt voor hem iets magisch rond het bezig zijn met nieuwe opdrachten; vindt hij het stoer dat zijn moeder dit doet en daarnaast snapt hij de kick van het ‘scoren, het ‘landen’ van een klus.

“Ja, inderdaad mannetje, ook een heel leuke nieuwe opdracht. Alleen gisteren had ik een kennismakingsgesprek met iemand voor een nieuw coachingstraject, weet je nog dat ik je dat vorige week vertelde? Maar na 5 minuten praten wist ik dat ík voor nu niet degene was om deze persoon te helpen. Dus dat heb ik toen aangegeven: “Het is beter voor jou om ander soort hulp te zoeken.”

Hij is even stil, denkt na over wat ik vertel.

“Maar mam, kon jij dat wel zeggen? Ik bedoel, was je niet bang dat ze jou misschien niet goed zouden vinden en nu dus niet meer terugvragen?”

Zoals zo vaak verwonder ik mij over zijn slimheid maar vooral inlevingsvermogen.

“Jeetje, ik vind dat een knappe vraag van je. Zo van: als ik dit aangeef, geef ik eigenlijk toe dan ik niet goed genoeg ben. Bedoel je dat?”

“Ja?!”

“Ik zal eerlijk zeggen, heel even ging precies wat jij zegt door mijn hoofd en was ik bang dat ze zo zouden kunnen denken. Maar dat hield mij niet tegen het toch te zeggen. Omdat ik vind dat ik heel eerlijk moet zijn over wat binnen míjn macht ligt en wat niet. Stel dat iemand meer last krijgt omdat ander soort hulp nodig was. Dán zou ik mijn werk juist niet goed doen. En nu, met het aangeven van mijn grens, wel! Snap je dat?”

Hij denkt, knikt en kijkt mij dan aan met grote ogen vol bewondering.

“En weet je, mama? Ik vind jou daarom echt Súpergoed!”

Hij springt van zijn stoel en geeft me de grootste, liefste knuffel die hij in zich heeft.

Ik schatte mijzelf op waarde, trok een grens en oogst daarmee de hoogste waardering: ❤️

Niet gek.

 

Het dankbare mantra

56EBA44D-D1EE-4C73-A5AD-A47536467A8C

Na een week met hun paps naar de sneeuw zijn mijn schaapjes weer terug in mijn weitje. En hoewel het uit-elkaar-zijn met de jaren voor steeds minder vervelende momenten zorgt, blijft dat weg-zijn-met-de-andere-ouder een knagend iets. Je doet gewoon je ding: bent lekker aan het werk, hebt veel leuke afspraken buiten de deur want dat kan nu en dan af en toe ineens “pang”, die realisatie, altijd onverwacht:

In de AH als je hand automatisch naar de limonade uitstrekt: “Oh nee, dat hoeft nu niet..”, als je wakker wordt en ziet dat geschaatst kan worden wat zo leuk is met die aapjes: “Oh nee, ze zijn er helemaal niet…”, of als je ineens zo’n heerlijke gezins-selfie-in-de-sneeuw-waar-jij-niet-meer-op-staat ontvangt.

Het is een periode van absolute zelfregulatie. En die gaat over:
– het hen niet lastig vallen met jouw gevoel van gemis. Gewoon 100% niet! Zij hebben het zalig en genieten en hebben helemaal geen tijd om jou te missen. Dat verandert zodra jij ze confronteert met jouw gemis. Dan is er, hoe goed bedoeld ook, altijd een gevoel van schuld en spagaat aan hun kant.
– het jezelf weghouden van een gevoel van zelfmedelijden. Je bent niet zielig totdat jíj vindt dat je dat wel bent. En pas dan voelt het ook zo.

Dat lijkt makkelijker gezegd dan gedaan maar weet je wat echt helpt?

Gewoon dankbaar zijn. En dat hardop zeggen, als een mantra. Want zo werken onze hersenen; wat je denkt en zegt, word je…

Dus:
Ik ben Dankbaar dat zij zo’n heerlijke week hebben.
Ik ben Dankbaar dat hun vader hen die kan bezorgen.
Ik ben Dankbaar dat ze het goed hebben.
Ik ben Dankbaar voor al mijn ‘vrije’ tijd waarin ik allemaal leuke dingen voor mij kan doen.

En nu ben ik Dankbaar dat ik ze weer alledrie om heen heb. Want potdorie, wat heb ik ze gemist!

Go of No Go: het belang van een goede voorbereiding

0E596F7A-B6A1-46D4-8AFF-86CBC3223579

Jongste is met bestie op pad, lekker schuimen door de straat. Normaal gesproken wonen ze bij elkaar om de hoek maar nu tijdelijk met een dorp ertussen. Dat mag de pret geenszins drukken, ze zoeken elkaar op zodra het kan. Volstrekt verschillend maar volledig complementair. En samen altijd extra stout. Ontroerend vind ik het, dit soort jongensvriendschappen.

Het is tijd om op te breken dus ik ga op zoek. Al snel zie ik ze kauwend aankomen.

“Hee mannen, hebben jullie iets lekkers gescoord?”

Ogen schieten onderling schichtig heen en weer. Op hun hoede knikken ze: “Kauwgum!”

“Van wie hebben jullie dat gekregen, van iemand die jullie kennen?”

Zelfde heen en weer schietende blikken, schouders omhoog, weifelende nee-knik-hoofdschud: “Een meneer. Maar we weten niet meer wie het is.”

“Ok jongens, ik zeg het nog maar eens, alsjeblieft neem geen dingen aan van vreemden; geen snoep, geen drankje en geen schattige hondjes.”

Schuldbewust beloven ze het. Ze wisten het heus nog wel maar waren het alleen eventjes vergeten.

Even later, als bestie weg is, word ik ingewijd in hun gezamenlijke hartenwens:

“Mama? Omdat wij niet meer op dezelfde school zitten, gaan we elkaar niet meer uitnodigen voor onze partijtjes maar sámen iets heel leuks doen. En we weten al wat. We willen logeren en dan de wekker zetten en dan weg op de fiets, de héle dag alleen met elkaar. Gewoon gaan en dan zien we wel en we willen dan ook iets van geld, €50, – ofzo, voor als we leuke dingen onderweg tegenkomen. Zoals bijvoorbeeld een indoorhal om te jumpen. En voor eten. Mag dat?!”

“Wat een geweldig plan, een tóp-idee om dat samen te gaan doen! Echt goed verzonnen zeg!”

Verrukt door mijn enthousiasme is hij in zijn hoofd al half op weg: “Dus het mag?!”

“Over 3 of 4 jaar misschien. Nu zijn jullie daar nog echt te jong voor.”

“Wát? Ahh, nee hoor! Wij kunnen dat echt, we zijn mentaal al véél ouder!!” Ik hoor de echo van zijn grote zus die deze zin gebruikt als zij iets probeert door te drukken wat voor 18+ is terwijl zij net 15.

Ik grinnik breed recht in zijn gezicht, even zie ik hoop in zijn ogen maar als ik begin met: “Lieverdje, dat vind ik briljant gezegd. Alleen weet je nog van die kauwgum daarnet, ..” zie ik balen en de zekerheid van een kansloze missie.

Hij druipt af. Wetende dat hij zijn best heeft gedaan maar in zijn onervaren enthousiasme een cruciale fout heeft gemaakt waar het de voorbereidende aanloop naar dit moment suprême betreft.

Mooie les. Volgende keer beter, lieve vriend.

Falen

0F8D59A5-1742-48EA-825C-36625FA2072F

“Mama? Ik voel me dat ik ben gefaald…”

Ik kijk hem aan en mijn hart krijgt een tikje. Teneergeslagen zit hij op zijn Tripp Trapp stoel.

Ach, hoe goed ken ik dít gevoel. En ook dat het niet uitmaakt wat iedereen zegt. Hoeveel complimenten hij ook krijgt over hoe ver hij kwam, hoe bijzonder dat is voor zijn leeftijd en gebrek aan ervaring of hoeveel talent men hem toedicht.

Want dit is wat hij zichzelf met zijn 9 jaar vertelt: “Ik. Ben. Gefaald.”

En hoewel ik weet dat geen enkele stem scheller, dringender of dwingender is dan die van jezelf, wil ik het toch proberen. Want ik gun hem iets zo heel anders. Dus ik vraag hem: “Hoe komt het dat jij zo streng bent voor jezelf, lieverd?”

“Ik gelóófde erin, mam. Ik dacht ècht dat ik door was. Maar ik bén niet door. Dus ik kan mezelf helemaal niet geloven.” Schoudertjes hangen, koppie ook.

Kleine baas met grote worsteling.

“Ben je teleurgesteld over jezelf? Dat je het niet bij het goede eind had?”

“Ja, want als ik beter had nagedacht, had ik nog méér mijn best gedaan!”

“Kón je dan nog meer je best doen dan je al deed?”

Stilte. Staart voor zich uit.

“Liefje, heb je gegeven wat je had voor dat moment?”

“Ja, eigenlijk wel. Maar het was dus niet genóeg!!” Gefrustreerde wanhoop van top tot teen.

“En kon jij precies weten wat echt wel of niet genoeg was? Ik bedoel, kén jij degene die de beslissing maakte en dus hoe hij kijkt?”

“Neehee!! Dat wéét jij toch? Die was in Amérika die man! Hij kreeg onze dansfilmpjes en díe moest hij bekijken en dan beslissen.”

“En deed jij je best?”

“JA!”

“Dus kun jij jezelf dan iets verwijten daarin?”

Hij kijkt me aan, zoekt, fronst, vat niet. Dan ineens spert hij zijn ogen open:

“Eigenlijk niet. Toch, mam?”

“Nee. Zéker niet, zelfs. Maar je kunt wel ongelooflijk balen en even keihard gillen, schelden en teleurgesteld zijn over de beslissing. Dát wel.”

Hij grim-grijnst, gooit z’n hoofd naar achter voor een heel hard en langgerekt scheldwoord dat ze volgens mij 3 straten verderop kunnen horen. Ik besluit even mee te doen. Ik baal tenslotte óók voor hem.

Met ogen waar het vuur uitknalt, kijken we elkaar even later aan: “Zo, dat was lekker hè, vent? Voel je je nu iets beter?”

….

“Morgen, denk ik.”

Maar ik zie een figuurtje waar de spirit weer inzit, een recht ruggetje en glans in de ogen. En daar wordt mijn hart dan weer warm van.

Brief aan mijn 9-jarige – “Jij leert het mij…”

24314E6B-3CE2-4FAF-BF71-DBD1AB719F62.jpegZo’n 2 maanden geleden auditeerde mijn 9-jarige voor een grote, landelijke musicalproductie. Hij werd uiteindelijk gekozen met 5 anderen om zich voor te bereiden op het podium. Wat een compliment!

En wat een spanning. Want kort voor de échte repetities, kreeg hij te horen dat hoewel de Nederlandse begeleiding dolenthousiast over hem was, de grote man in het buitenland meebeslist en het niet helemaal zeker wist. Hij kreeg een keuze: stoppen of alles op alles met nog één Go/No Go moment. Hij koos voor het laatste. Het grote moment is nu aanstaande en de spanning neemt toe. Tijd voor een hartje onder zijn stoere riem.

“Mijn allerliefste baasje, 

Laat ik beginnen met je te vertellen dat het voor jouw papa en mij een enorm voorrecht is om met jou dit avontuur te mogen beleven. Ten eerste omdat wij zelf allebei nog nooit zo’n avontuur hebben meegemaakt maar vooral door jou als persoontje. Wij zijn zo trots op je dat de tranen ervan in mijn ogen springen.

Door hoe jij groeit, leert en straalt, je kwetsbaar opstelt en je staande houdt, incasseert, terugveert, er vol voor gaat en blijft gaan. Door hoe jij enthousiast en lief blijft, niet afgunstig bent naar de jongens die al door zijn, je grootmoedig en weerbaar toont. Omdat je niet wegzakt in een ‘ik ben niet goed genoeg’ maar kijkt naar waar je kunt verbeteren, hiervoor oprecht openstaat, realistisch en dapper. En tussendoor heb je dan ook nog tijd en oog voor ons en maak jij je zorgen over of wíj het ons wel kunnen permitteren; in tijd, werk en aandacht voor de andere twee. Lief, lief mannetje. Ja, dat kunnen wij. Allemaal. Want wij als gezin gunnen jou de wereld!

Het wordt nu echt heel spannend en je weet dat je uiteindelijk, na alles wat jij erin hebt gestopt en de enorme stappen die je hebt gemaakt, alsnóg te horen kunt krijgen dat het grote podium niet voor jou gaat zijn. Je voelt dat zwaard en ziet dat dunne touwtje. Ik moet je eerlijk zeggen; ik vind dat moeilijk. Omdat ik niet snap dat die kerel niet ziet wat ík zie, namelijk dat hij in zijn handen zou moeten wrijven over het feit dat jij je aanbiedt. JIJ! Gast, is die vent wel goed bij zijn hoofd dat hij tegen jóu “misschien” zegt?!

Jij wist dit niet want ik blijf naar jou heel rustig, maar zo voelt dit moedertje het diep in haar hart. En dat mag, kritiekloos en vol overgave, als moeder.

Wat mij het meeste raakt in dit hele verhaal, is jouw veerkracht en jouw moed. Omdat je ervoor kiest om met open vizier door te gaan, ondanks de dreiging van een grote desillusie. Ik denk, nee ik wéét, dat ik ervoor gekozen zou hebben om te stoppen. Omdat ik zou denken: “Weet je wat, ik zeg zélf wel ‘nee’! Dan kunnen zij dat in ieder geval niet doen.” Zogenaamd heel stoer en net of ík zou kiezen en daarmee controle zou hebben. Alleen heb ik, toen ik groter werd, ontdekt dat dit juist de mákkelijkste weg is. Een bange oplossing voor een moeilijke situatie. En ik moet er nog altijd voor knokken om dit niet te doen. Iedere moeilijke situatie weer. 

Terwijl jij uit jezelf het tegenovergestelde doet. Jij kijkt de dreiging aan, trekt je eigen zwaard en ten strijde. Dát is pas heft in eigen hand, dat is pas stoer. En jij leert het mij. Een diepe buiging maak ik voor jou.

Vroeger, toen je nog echt heel klein was, wilde je ridder worden. Daarna onderzoeker en avonturier, nu danser. Ik kan jou vertellen: je bent het al, allemaal. En met verve!

Ik wens je heel veel succes, baasje. Het maakt werkelijk niet uit wat de uitkomst van dit avontuur gaat zijn. Podium of niet, ik weet dat jij met al jouw kwaliteiten, heel ver zult gaan. En weet jij dan maar dat waar je het nodig hebt, ik jou altijd breng of met je meeloop.

Alle liefs, mama 

 

 

Bloggen is uit! Moet ik nu gaan vlóggen?

 

346CFED0-74E0-4CC0-B702-39C54413DE5B
(btw, dit is géén filmpje)

Has been, niet meer van nu, hopeloos ouderwets, klaar. Bloggen is uit en sinds ik dat ergens las, verkeer ik in lichte vorm van crisis. Want A. Hoezo?! en B. Wat dán?!

De antwoorden díe ik op A. vind, swipe ik zonder te registreren naar links, Tindertaal voor “ik wil het niet weten”. Volstrekt onvoorstelbaar dat we niet meer willen lezen: eerst de krant en het boek, nu ook geen blogs? Leuke, korte, strakke verhaaltjes van 3 minuten en weer door?

Spanningsboog van een Snap

Feit is, Millennials maken online de dienst uit en in hun wereld is beeld het nieuwe schrift. Of zoals Millennial, tevens online vriendin en lichtend voorbeeld Talita Kalloe met een toefje zelfspot omschrijft: “Ik ben een kind van mijn tijd. Opgegroeid in de tijd van Tamagotchi’s en cassettebandjes maar met een spanningsboog van een snap op Snapchat. Hoe visueler je het voor mij maakt, hoe beter. Al dan niet met bewegend beeld waar in één minuut alles wordt uitgelegd wat ik moet weten. En als het even kan met zo min mogelijk tekst.”

We willen best mee

Tsja. Ik kan het ermee oneens zijn, denken dat ik-van-GenX die jonkies niet nodig heb want dat ik me vooral richt tot alles wat mijn leeftijd is of ouder, maar dan hou ik mezelf voor de gek. Om zichtbaar te zijn, te blijven én gezien te worden, moet ik mee!

En dat weet ik heus wel, anders zou ik geen eigen blogsite, Facebook, LinkedIn en Insta-account hebben en mijn kerstwens of -uitnodiging niet per appgroep versturen maar via een keurige kaart-in-envelop-met-postzegel. Ook ik heb voor te lange teksten meestal geen tijd, word gedomineerd door mijn smartphone met al z’n bits en bites en klik blij op leuke filmpjes.

Mijn conclusie: ik wil best mee maar ben bang voor wat mij dat gaat kosten.

Moet ik dus gaan vlóggen?

Want B: Wat dan wel?!

Beeld dus: tekeningetjes, foto’s of, inderdaad, vloggen. Ga er maar aan staan. Ik heb nu een paar vlogs gemaakt en terwijl ik een blog de wereld insturen iedere keer al een avontuur vind, is het online publiceren van een video pas écht heel spannend. Noem het gerust zorgelijk, stressvol, ongemakkelijk, ontnuchterend en voor heel even een absolute nachtmerrie.

Een greep uit de verheffende oordelen die ik bij het terugkijken van zo’n vlog over mezelf heb (check even welke jij herkent):

  • Wat zit mijn háár achterlijk
  • Die.Stèm. …
  • Ah nee, zóveel rimpels
  • Zie ik daar nou ook nog vlekken?
  • Manmanman, wat kijk ik raar zeg
  • Ach jongens, wat zeg ik nou toch allemaal?
  • Waarom zou íemand hier naar kijken, laat staan luisteren?!
  • Wat zullen ‘Ze’ wel niet van mij denken?
  • 100% gênant (*braakbeweging*) !

Eén grote ontkenning, één donderend “Neeneenee!” van mij naar mij.

Het goede nieuws: het maakt niet meer uit welk negatief oordeel een ander erover velt, want ik velde het zelf al.

Been there, done that

Eerlijk is eerlijk, deze ellende heb ik ook doorgemaakt toen ik startte met bloggen. En heb daarmee ondervonden dat met het Doen en Blijven Doen, het steeds ietsje makkelijker werd:

Online publiceren heeft mijn zelfvertrouwen gesterkt en mijn doorzettingsvermogen vergroot. Want ik heb stoïcijns leren doorgaan, vertrouwend op mijn eigen oordeel, in weerwil van alles wat door mijn hoofd spookt of wat een ander ervan vindt danwel niet-vindt.

Bloggen zoals ik dat doe, geeft mij de mogelijkheid te laten zien wie ik ben en daarmee heb ik waardevolle contacten en samenwerkingen opgedaan, het heeft me een berg bagage gegeven die ik anders niet had gehad en met alle positieve reacties kan ik een boek vullen! Niet alleen ervaring, ook waardering maakt dat je groeit.

Conclusie

Ik blijf schrijven, ik zou niet zonder kunnen en genoeg mensen die graag blijven lezen. Toch ga ik ook het pad van beeld verder verkennen. Na mijn eerste neiging tot wegduiken zie ik mooie voordelen: je hebt maar 1 minuut nodig om een punt te maken in plaats van dat iemand 3-5 minuten moet lezen. Maar vooral: met video kun je écht jouzelf laten zien en horen. Ja, incluis het in jouw oren vreselijke stemgeluid maar óók de kracht van je energie, lach en blik.

En die enorme berg met ellende waar ik elke keer overheen moet voordat ik mezelf werkelijk dúrf te laten zien? Die slecht ik gewoon stapje voor stapje. Precies zoals ik dat altijd doe.