3300 voet

Terwijl ze slikte en nóg een keer maar de brok niet weggeslikt kreeg, grijnsde het haar als de onoverkomelijke waarheid in haar gezicht. Ze sloeg haar ogen op en keek het recht aan. Ja: ze zou moeten springen.

… Voor iemand met een mate van hoogtevrees en een misschien niet aangeboren maar wel ergens aangehaakt gebrek aan gevoelde veiligheid, is de suggestie om alles los te laten, de aanloop te nemen en van de berg te springen, ongeveer hetzelfde als vragen of ze zich alsjeblieft even op de hoogte van 3300 voet uit het vliegtuig wil laten vallen, alléén. Eerst is er de flits van avontuur, het ingebeelde gevoel van het heerlijke vallen en dan vliegen zo levendig dat het echt lijkt. Maar daarna neemt de ‘rede’ in het brein het over: want wie zegt dat de parachute het doet?? En trouwens, aan welk touwtje moet er dan in godsnaam op welk moment getrokken worden?! Jij weet helemaal niet hoe dat moet!! IMG_4433

De fysiologie verandert. De mond wordt droog, het hart gaat van verwachtingsvol kloppen over in een angstig gebonk en er ontstaat een pijnlijk gevoel tussen de ribben dat de ademhaling precies onder het borstbeen gevangen houdt. Angst.

Pure, onversneden angst. En wat doet dit met iemand? Yep; het verlamt. Dus gebeurt er niets. En gaat het moment voorbij en alles verder zoals het al was. En was dat nou niet precies waar het gevoel van het in een fuik gevangen zitten vandaan kwam? …

In een nanoseconde joeg het geijkte ‘ik kan het niet, in ieder geval niet alleen’ door haar hoofd terwijl de verlammende keten van reacties in werking trad. Maar net voordat de eerste scheut van pijn tegen haar ribben kon beuken, deed ze iets heel onverwachts. Ze haalde diep adem en zei: “Stop.”

Stop tegen de duivel, stop tegen haar brein. Het verbaasde haarzelf maar ze voelde zich wel ter plekke een stuk beter. Want ergens, weggestopt in een diepte, had haar moed bedacht dat het nu maar eens afgelopen moest zijn met de onzin. Verontwaardigd door het permanent over het hoofd gezien worden, terwijl er zoveel situaties te noemen waren waar hij de hoofdrol had gespeeld. Glorieus had overwonnen en voor zalige momenten had gezorgd. Maar altijd als dat stomme brein zich ermee ging bemoeien, in ieder geval het ‘redelijke’ deel ervan, kon de moed het hazepad kiezen, want was er niemand die hem aandacht gaf. Dus vertrok hij stilletjes in de diepte, wachtend op het volgende moment dat het brein even sliep of het sop de kool niet waard vond. Arrogante kwal. Sinds wanneer is het je hele leven zelf regelen en financieel en emotioneel onafhankelijk zijn als sop de kool niet waard? Of het op dating sites staan wat een doodenge en naargeestige jungle van gekwetste zielen en lullige losers lijkt met af en toe een parel ertussen –tenminste dat hoop je dan maar -?! Of het besluiten je hele wezen open te zetten en een ander in alle openheid te ontvangen in plaats van achter een betonnen muur te beschouwen? Allemaal uitdagingen die buiten haar comfortzone lagen. En die ook eerst onmogelijk, lastig of eng hadden geleken maar eenmaal toe over gegaan prima te handelen.

Op een of andere manier lieten zij en haar moed zich iedere keer weer op een dwaalspoor zetten door het brein. Hoe dichter bij haar kern, hoe dikker het rookgordijn.

Maar nu: genoeg! Moed heette niet voor niets moed. En als je moed heet, dan moet je maar eens wat.

“Stop.” En ze sprong.

I.M. Madiba

madiba 3

‘Mama, wie is die meneer? Hij heeft een lief gezicht want hij lacht en kijkt heel aardig.’

“Dat is Nelson Mandela. Hij was ook een lieve meneer, denk ik. En hij was in ieder geval een heel bijzondere meneer. Hij is overleden.”

‘Ja, want ik zie dat hij al heel oud is. Waaróm is hij dan een bijzondere meneer?’

“Nou, hij heeft heel lang in de gevangenis moeten zitten, omdat hij vond dat alle mensen gelijk zijn en vrij moeten kunnen leven en dat niemand beter is dan de ander. En toen ze hem eindelijk vrij lieten, gaf hij de boze mannen een hand in plaats van een klap.”

‘Écht!!?? Was hij dan niet héél boos op die mannen?’

“Ik denk dat hij dat zeker wel is geweest maar toen hij vrij was vond hij het veel belangrijker om dat te vieren en heel veel andere mensen daarmee te helpen. Daarom is hij bijzonder. Iedereen in de hele wereld kent hem.”

….

‘Mama? Ik wilde hem eigenlijk óók wel kennen.’

CTFD

Je slikt t

maar ergens

weet je

Ik pik dit niet

with a vengeance
with a vengeance

Eerst dreigend

dan schurend

Red turns hot

n Vonk vat vlam

Fysiek verdwijnt

Stoom drukt razend

richting exit

Muren verzakken

Elke uitgang

barst open

De vesting ontploft

Dodelijke tactiek

van verschroeide aarde

GodMijnHemel

Calm The Fuck Down

Lieve Kiwi

imageUit de grond werd je gerukt, hardhandig met wortel en al. Bang voor het oncontroleerbare karakter konden ze je niet echt waarderen. Althans, daar leek het op. Maar jij liet je niet kennen en kroop uit het geslagen gat, je was er immers gewoon. Als een gebalde vuist kwam je boven en om de regenpijp heen vond je houvast in de wisteria met wie je een ontroerend pact sloot.

Ineengestrengeld vormden jullie een dak van groen. Weldadige koelte en waterdichte bescherming daar in dat tuintje op het zuidwesten. Jullie samen bloeiden naar hartenlust en toen … kwam het jaar dat jij fruit ging dragen. Eerst een paar en vervolgens hing je voller dan vol. Home farming werd een begrip via de eco-kap die uitbundig genoot en deed genieten.

Toch, sluipenderwijs, kwam de klad in die ooit zo vruchtbare verstrengeling. Blad viel ineens flink en voortijdig uit. Het groen werd minder, tsja, gróen. In het dak vielen gaten, het lekte water en verpieterende warmte. Jullie symbiose en synergie bleek te zwaar aangezet, werkte verstikkend. De eerdere ontworteling maakte dat jij  – hoe statig, sterk en aanwezig ook – kwetsbaar en wankel in de grond stond. Snoeien, eerst een beetje toen steeds drastischer, het hielp niet meer. Het gewicht drukte en geen adem is de dood; jullie moesten uit elkaar.

Je doet het nu alleen. En je doet het goed. Ik zie wel dat je het zwaar hebt en dat je moet bijkomen. Je hebt dit jaar veel minder fruit, de storm blies bijna alle bloesem weg. Maar je leert jezelf ermee omgaan. Jij past je aan en de elementen om je heen passen zich aan jou aan. Je merkt het nu; vrij kunnen ademen is het enige wat belangrijk is. Zodat weer alles kan stromen en jij weer echt stevig kunt wortelen.

Uitbundige draagkracht vanuit een veilige diepte; dat is wat ik jou toewens.

X