Over een prettige bries met de belofte van een tropische storm

Van harte gefeliciteerd, Queen Max: 50 Jaar! Wat een mijlpaal en een mooi moment vond ik, voor een nadere blik. Op uw gezicht wel te verstaan. Dit schrijf ik u in een briefje (excuus daarbij voor mijn losse taal, ik schreef in een opwelling; uit de losse pols en gewoon aan u, als mens en niet in uw hoedanigheid als Koningin), waarbij ik al schrijvend dacht: u doet uw naam helemaal eer aan. 

Want wist u dat ook ú een Persoonlijk Non-verbaal Repertoire heeft? Ofwel een consistente set van hoog repeterende microbewegingen in uw gezicht. Een set die er continu is, ongeacht situatie of context en die iets vertelt over uw persoonlijkheid, behoefte in interactie en gedrag onder spanning?

De bewegingen die ik in uw gezicht steeds zie, geven beeld aan een krachtig aanwezige set en persoon: Máxima.

Veel hoog opgetrokken wenkbrauwen waarbij uw oogleden mee omhoog gaan en u trekt ook uw wenkbrauwen vaak ‘halfhoog’, zoals wij dat noemen. Om deze microbeweging beeld te geven noem ik ‘m ook wel ‘de Justin Bieber-blik’ , maar bij nader inzien noem ik het liever ‘de Máxima-look’, het is een beweging en manier van kijken die u zeer tekent. U knijpt uw onderste oogleden regelmatig licht aan en bent lid van de ‘smiler-familie’, ofwel; uw mondhoeken en wangen gaan vaak omhoog, in lichte of grotere lach. U doet dit ook op momenten dat er niet veel te lachen valt. Dit wijst erop dat u iemand bent die graag het contact vasthoudt, ook als de situatie spannend is of wordt.

U knippert veel, en sluit vaak voor langere tijd de ogen – veelal gepaard gaand met die typische Maxima-look- en tilt uw hoofd daarbij zijwaarts omhoog. Kan het zijn dat dit gaat over verwerking van wat u op dat moment ziet, hoort, voelt? Nog zo’n regulatoire beweging (dwz. beweging die de intensiteit van het contact neutraliseert) laat u zien bij voor u gevoelige momenten die echt binnenkomen, een mooi voorbeeld was toen Carel Kraayenhof “Adiós Nonino” speelde tijdens uw huwelijksvoltrekking. Dan trekt u uw kin wat in terwijl u ‘m tegelijkertijd wat meer in de lucht steekt, als om enige afstand te creëren. Ván of voor uw gevoel? Dat is een mooie vraag, misschien wel beide. Sowieso knikt u het hoofd vaak schuin naar de zijkant, dit is geen micro-beweging overigens, maar een beweging die vaak samengaat met die smile. In deze beweging zit iets van een vraag voor mij, ik duid het als de behoefte en vraag om te ontvangen en ontvangen te worden voor wie u bent. Ik weet dat natuurlijk niet zeker, maar wellicht herkent u het.

U bent graag in beweging, houdt van snelheid en doelgerichte acties en kunt daarbij ook soms een beetje ongeduldig zijn. Klopt dat? U overziet situaties op hoofdlijnen snel en scherp en zou het liefst met ferme tred doorpakken zodra dat in uw ogen kan, maar u heeft in de jaren geleerd dat het soms beter is om even te wachten. U laat zich met weinig moeite zien en horen, heeft een krachtige mening en houdt van (positieve) respons, vindt frontale kritiek wat minder prettig en kan daar in reactie scherp op terugkomen, tegelijkertijd kunt u een beetje wrijving -uiteindelijk- ook wel waarderen en u zal zoals ik u lees, niet lang in iets blijven hangen. Als het resultaat maar goed is, dat is het belangrijkste, het pragmatisme mag er zijn. U voelt en houdt graag het contact met de ander, en ik denk dat u moeite hebt met mensen die voor uw gevoel uit dat contact gaan: zoals mensen die gereserveerd op u reageren, of die van zichzelf een wat kille, misschien afgehaakte uitstraling hebben. Gezien uw positie zult u nauwelijks meer last hebben van mensen die u zo benaderen, maar u herkent wellicht van vroeger uw neiging om mensen die dit laten zien, er tóch bij te willen trekken, een lach te ontlokken, iets waarmee u in ieder geval het gevoel heeft dat ze u zien en oké vinden. Dat een bepaald type mens zich wat overweldigd kan voelen door alles wat u meeneemt, en zich daardoor wat terugtrekt, is logisch. Maar dat u met zoveel binnenkomt; dat is geen spel, geen truc, geen vooropgezet plan. Het is gewoon wie u bent en hoe u hopelijk ook altijd blijft, maar daar maak ik me geen zorgen over.

Uw expressies zijn, naar gelang uw gemoedstoestand, groot of kleiner, maar hoe het ook zij; ze zijn er. Permanent. U heeft dat typische ‘open-boek’ gezicht, wat anderen prettig vinden. U zet uw gevoelens, of in ieder geval de lading van een situatie, vaak kracht bij met uw gezicht. Hiermee versterkt u nog eens die indruk van meeleven en betrokkenheid, en ik stel me voor dat u een gevoelsmens bent die uw emoties zowel groots voelt als uit: de blije én de minder blije. De powerhouse die u inmiddels bent, wordt hiermee van binnenuit gevoed. U kunt daarbij ook flink stomen, als ik mij niet vergis. Uw man zal dat zeker wel weten, ik kan me zo voorstellen dat hij het idee had oog in oog te staan met een potentiële orkaan, bij die eerste ontmoeting. Een trek die hij ongetwijfeld juist ook zo leuk vindt aan u.

De mensen om u heen weten allang: als u boos bent, dan is het goed u maar eventjes daarmee te laten. Gewoon een stapje achteruit. Dat is beter, voor u omdat u dan even de ruimte hebt om af te reageren en voor de ander om daarin overeind te blijven. En ze weten dat u er niet te lang in blijft hangen: even blazen en weer verder. Wat u misschien zelf af en toe ingewikkeld kunt vinden in de interactie met uw man, is dat hij ogenschijnlijk stil kan vallen, en dan even weinig respons geeft. Dat triggert die behoefte van u aan juist wél respons. En als u daar dan dringend om vraagt, valt hij misschien nog ietsje meer weg. Maar goed, inmiddels kent u elkaar goed genoeg om te weten dat het in dat geval het beste werkt om even naar achteren en op uw handen te gaan zitten en te wachten, even niets doen, en dat de respons dan komt omdat er als vanzelf ruimte ontstaat. Mooie ontdekking is dat, vindt u ook niet? Omdat het zo logisch is.

Wat ik persoonlijk erg leuk vind aan uw non-verbaal, is dat uw gezicht permanent in beweging is; u staat echt aan en bent daarmee enorm present. Een groot charismatisch talent dat u meer dan koninklijk weet in te zetten. Dit talent krijgt een extra boost door uw humor en de warmte die u van nature radieert en die betrokkenheid genereert, zowel in wat u uitstraalt als wat de ander daardoor ook bij u voelt. En dan heb ik het nog niet eens gehad over uw stem …: diep, suave, met een rokerig randje en dat fijne Latina-accent. Een fluwelen instrument waarmee u de wat scherpere randen van uw temperament met gemak zachter laat landen.

Rest mij u te danken voor uw warme en helder getinte kleuren en geweldige energie. Een prettige bries met de belofte van een tropische storm, ik hou er van.

Feliz cumple!

;

Open

Waarom doe ik wat ik doe..?


In de regel weet ik dat heel erg goed. Maar soms… soms even niet. Sta ik op en snap ik het niet meer, twijfel aan alles – vooral aan mezelf -, ben ik kwijt waar ik heenga en hoe, en als ik het me herinner is de eerste gedachte die van de geselende: “hoe kóm je erbij, wie zit daar nou op te wachten, alsof jíj dat kunt.” En voor ik het weet hang ik boven een diepe zwarte afgrond met gevaarlijk zuigende werking.

Zo ook vanmorgen. Eenmaal beneden wat doelloos rommelend komt mijn jongste binnen. Hij, startende maar vanaf het begin af aan fullblown puber, kan in de regel zijn ruimte goed, direct en stevig claimen. Maar nu, terwijl hij op me afkomt, zie ik hem intuïtief scannen; oogjes knijpen, lijf houdt een seconde in. Dan laat hij alle spierspanning los, overbrugt met één soepele beweging de 2 meter tussen ons in en vlijt zich als vloeibaar warme chocolade tegen mij aan.


Even staan we zo, ik hou hem goed vast, adem hem op, drink hem in en voel hoe zijn woordeloze warmte van binnen iets beweegt in mijn verstarring.


“Ik wil even naar buiten, een stukje lopen.”


En daar waar hij normaal honend kan briesen dat het nog dónker is en ijskoud, voel ik hoe hij de druk van zijn armen iets verstevigd, kort maar bevestigend. Hij zegt niets en toch hoor ik: “Doe maar, mam.”

Ik ga. Mijn stappen kraken in de bevroren sneeuw en mijn adem maakt dikke, witte wolken. En terwijl ik loop maakt de zwarte afgrond plaats voor de pracht die wáár is.

Godzijdank. Met hart nu open kan ik het allemaal weer zien.

VR

Met het gloomy gevoel dat ‘betere-cijfers-maar-strengere-maatregelen’ en een avondklok oproept en de kennelijke dreiging van nog veel engere virusvarianten in aantocht, bereiden zij zich voor op een eventuele apocalyps. Eindelijk komen die talloze uren van intelligence verzamelen door vanachter hun beeldschermen doom-day films en series te analyseren, tot hun recht.

Dus met vernuftige technologie trainen zij nu onvermoeibaar hun eigen situational awareness, hunting skills, reactievermogen, ultieme ‘unagi’ en het optimaal ontspannen-alert zijn.

Het goede nieuws voor mij is dat wanneer het zover is, alle scenario’s klaarliggen, strategieën uitgedacht zijn en met een béétje mazzel de onneembare bunkers reeds gegraven en van noodrantsoenen voorzien.

Dat ik voor mijn eigen overlevingskansen eindelijk eens kan leunen op mijn tot in de puntjes voorbereide offspring, in plaats van andersom, geeft ook mij een ontspannen (en beduidend minder alert) gevoel van comfortabel vertrouwen.

Terwijl ik mijn krant opensla, ondertussen begeleid door de ranzige knaaggeluiden van opengereten zombies die aan hun in hun parallelle wereld virtueel gemaakte spijkerstokken hangen, slaak ik een zucht van tevredenheid: je kunt maar op je toekomst voorbereid zijn.

Eén gedachte

Bij het krieken van de dag wakker worden door een schuifelend geluid op straat. ‘n Buurman die zijn hondje uitlaat. Ooit waren het er drie, nu nog maar eentje; zo’n heel laag bij de grond hangend, krompotig getrokken worsterig diertje met naar buiten uitstekende tandjes.

Ik zie het tafereel voor me en moet grinniken, voel een vlaagje heel frisse lucht langs mijn wang en hoor de eerste vogeltjes. Veel zijn al weggetrokken maar sommigen vullen met hun lieve gekwetter mijn oren nog en zullen dat steady blijven doen, ook in de kou.

In een flits realiseer ik me hoe gelukkig ik me voel, wat een goede maanden het zijn en hoe dit jaar een tijd zo lullig leek, maar nu niet meer.

Want het sluimerend grijs-kil en steeds zwaarder drukkend gevoel dat er was in mijn leven, heeft plaatsgemaakt voor verlichting en opluchting, het weer tot in mijn tenen adem kunnen halen, emotionele balans en – vrijheid. Slepend werd weer lichtvoetig, de ballast los en afgeworpen.

Ik wíst het al wel maar voelde het nog te vaak niet bewust zo. Vandaag, bij het krieken van de dag wél. Als in een flits die zekere gedachte en het gelukzalige gevoel dat door mijn hele systeem trekt en me als een warme deken bedekt.

Gevoel van zwaar of licht, verlies of kans, grijs of kleur; het verschil bestaat soms uit slechts één gedachte.

Ultimiss

Daar sta ik, midden op het veld, helemaal alleen. Wie er ook op mij afkomt, Ultimiss, het-edele-paard-van-zeer-goede-komaf in ieder geval niet.

Hm.

“Zie het niet als afwijzing, maar als aanmoediging om te zakken, weg uit je hoofd. Je hebt spanning en je energie is teveel naar buiten gericht. Een paard houdt van geaard; zen dus.”

Ik probeer het, ademen naar mn buik, 4 in, 6 uit en verdraaid, daar komt ze. Ze smakt en gaapt 2 of 3x uitgebreid. “Ze laat jouw energie los.” Ik gaap háár aan; for real?

Ze blijft schuin voor me staan, met opgeheven hoofd, net niet echt contact. “Ze spiegelt jou. Wat zou jij nu willen?”

Tsja, graag écht contact, dus ik beweeg naar haar toe en aai neus en hals. Ze leunt tegen m’n hand. Dit voelt fijn; warm, verbonden. Dan stapt ze naar voren, vol mijn zone in. Ik loop schrikkerig achteruit: “Niet naar achter bewegen, neem jouw plek in en behoud je ruimte!”

Ik vertel dat het me overweldigt, haar grote gestalte en heel sterke presence. Momenten van confrontatie met invasieve energie kort en langer geleden in mijn leven en mijn reactie daarop, komen voorbij.

Ze komt nog eens heel dichtbij, ik blijf staan en zij houdt haar hoofd boven het mijne, haar nabijheid nu als kalme troost. Ze buigt en legt haar neus in mijn nek; liefdevol, zonder franje. Ik voel ‘het is goed’ en dit ontroert me diep.

Dan is ze klaar. 6 minuten.

Over non-verbaal gesproken. Heel veel waarachtiger wordt iets niet.

Plek

Ik. BÈN. Er!!!!!!!!

Met een zwaai gaat de slaapkamerdeur open en springt jongste op zijn derde verjaardag naar binnen met wijd uitgespreide armen en zó’n stralend koppie dattie licht geeft.

Zelden heb ik iemand met zoveel vanzelfsprekend en vertrouwen zijn plek zien innemen, als hij op dat moment. Het staat op mijn netvlies gebrand en in mijn hart en geheugen gegrift. Zijn gevoel van er totaal en zonder ook maar enig excuus te mogen zijn en mijn gevoel van jubelend geluk hier deelgenoot van én mede-verantwoordelijke voor te zijn.

Je plek innemen. Naast, tussen en ten overstaan van anderen jouw eigen rechtmatige plek voelen en pakken.

Een thema waar ik mijn hele leven al mee knok, omdat het voor mij als kleintje níet vanzelfsprekend zo voelde, dat ik dat mocht. Ruim baan maken voor de ander; niet een te grote mond hebben; de beste was de goedste en de kleinste de liefste en beide was ik in ieder geval niet. Iets wat ik meenam door mijn leven; knokkend in samenwerkingen en relaties met anderen die juist meer ruimte innamen dan goed was voor een gezond evenwicht. Types die van hun kant zelf vanzelfsprekend de goedste waren of door ingeboren egoïsme niet erg gericht op -het gevoel van- een ander, niet gebakken om zelf intrinsiek te geven en clueless ten aanzien van het gegeven dat groot-gevers vaak niet zo vanzelfsprekend hun eigen ruimte claimen, laat staan pakken. Dat dit soms tot buikpijn aan toe moeilijk voor hen is.

Klein liet mij dat in die partnerschappen weer voelen en behoorlijk alleen, maar ergens ook veilig want bekend. Inspirerend vind ik dit type mensen op voorhand sowieso omdat ze iets doen dat ik meer zou moeten. Zit er voor mij iets wenselijks in die begeerlijke, arrogante manier van gewoon (in)nemen. Alleen in plaats van ‘standing ground’, deed ik te vaak zelf nog maar eens een stapje opzij, me boos maar ook angstvallig vasthoudend om niet over het randje te kukelen. Hek naar beneden, klauwtjes uit.

Een oneigenlijk gevoel van afhankelijkheid creërend waar niemand iets van zou begrijpen die mij zo, op eerste gezicht, kent.

Maar we hebben allemaal onze eigen verhalen en onder onze grootste kracht zit vaak ook onze diepste valkuil. Het een laat zich zien in de goede tijden, het ander als de boel begint te verschuiven.

Wat een feest is het dan, om van die glasheldere spiegels in eigen huis te hebben. Allemaal met hun eigen terugkoppeling van wat jij te leren hebt. Goed kijken moet je, en goed luisteren. Vooral naar je buik.

Deze kleinste spiegel hielp mij het op zijn derde verjaardag zo helder te voelen. Toen wist ik nog niet goed wat het precies was ik zag. Maar nu wel.

Los dus. Met de armen wijd er staan:

Ik. BÈN. Er.

Op mijn plek.

Het Héle-al

“Ik. Weet. Het. Niet.”

Gek werden en worden zij van dit antwoord dat ik ze dan toch gaf en geef.

Al op 1000-en vragen.

Soms om ze bewust te maken van hun eigen denkvermogen maar ook omdat ik vaak echt het antwoord niet wist:

“Mama, hoe kan het dat Dumbo kan vlíegen, want zijn oren zijn wel groot maar zijn lijf ook. Of zit daar hélium in, net zoals bij ballonnen?”

Of:

“Mam! Hoe-zo lijken wij als ik ons zó zie, zo groot, terwijl we in het ‘héle al’ maar piepklein zijn?” (Wappert met armen om dat héle al te duiden terwijl moeder iets murmelt over verhoudingen en hoopt dat het hier bij blijft, wat helaas niet zo is).

En nu, 10 jaar verder weet ik op de meeste van hun vragen het antwoord nog steeds niet. Noch op een heleboel vragen die ik zelf heb.

Over dingen die buiten mij liggen en over dingen die zich binnenin mij afspelen.

Waar ik in de loop der tijd wél ben achtergekomen is dat ons ‘weten’ zeer wordt overschat. En een schijnzekerheid oplevert waar je soms alleen nog maar meer van op je neus kijkt. 

Nee, dan het niet-weten.

Dát kunnen accepteren, levert vrijheid op en kracht. Precies wat nodig is om je te kunnen verhouden tot wat zich nú aandient. In.Dit.Exacte.Moment.

Dat leer ik zelf. Dagelijks.

Blóedirritant vinden zij het.

“Ik weet het, schatten.”, zeg ik ze dan.

;

Gewoon

Nogal wat posts en schrijfsels gaan over zaken als mindset, focus, geloof in jezelf en zelfvertrouwen.

Belangrijke topics waar het gaat om performance. Jouw performance. Als professional, ondernemer, mens.

So far so good.

Maar het valt me op dat deze topics vaak in combinatie gaan met het woordje ‘gewoon’: “Je moet ‘gewoon’ je focus houden. Het gaat ‘gewoon’ om mindset. ‘Gewoon’ een kwestie van zelfvertrouwen. Geloof ‘gewoon’ in jezelf!”

Als het allemaal zo ‘gewoon’ was, dan had niemand er verder last van. Het gaat vaak om diep ingesleten patronen. Gedachten en overtuigingen die zich ooit in het systeem gezet hebben. En het betreft meestal langgeleden verkozen gedrag. In combinatie met reflexgedrag dat bij jou hoort.

Kun je daaraan werken? Ja, zeker. Maar is dat even ‘gewoon’ en met quick fix? Nee, absoluut niet.

‘Gewoon’ zou het zijn, als we bleven doen wat we deden. Want in veel gevallen is het behoorlijk lastig om dit soort zaken te veranderen.

Het begint met de moed om met meedogenloos eerlijke blik naar jezelf te durven kijken. Vervolgens commitment, veel oefening en niet te vergeten; tijd.

Het goede nieuws is dat ieder piepklein stapje op dit vlak, je mijlenver kan brengen. Van binnen en daarmee ook naar buiten.

Daar is werkelijk niets ‘gewoons’ aan. Eerder is het buitengewoon.

Meghan: goede actrice of heeft ze het zwaar? Een blik op haar on-verbaal ..

“Wat zit dat poeder-prinsesje daar in Afrika met haar prins nou te klagen over hoe moeilijk het soms is als Royal in de UK, terwijl ze op de centen van belastingbetalers de hele wereld afreist, nu in Afrika lekker koloniaal loopt te doen, dankzij haar huwelijk rijker dan rijk is en het aan alle kanten goed heeft getroffen met zichzelf en alles wat ze heeft?! #HarryAndMeghan”

Dit is een samenvattende en zwaar gecensureerde versie van het type bericht dat in alle hoeken van de social media te lezen valt, de afgelopen dagen. Sinds de documentaire “Harry & Meghan. An African Journey” uit is, waarin Harry en Meghan op on-Britse wijze open zijn over hun gevoelens ten aanzien van de pers en de manier waarop zij, en dan vooral Meghan, bejegend worden.

Tegenover de haat-berichten staan ook miljoenen steunende woorden aan het adres van het koninklijke koppel: “We love you. You’re the best. Shame on you, haters. Punch Britains Press in the face. etc. #HarryAndMeghan”

Ik scan deze teksten, als altijd in de ban van mijn eigen verbazing over die kennelijk diepgevoelde behoefte van veel mensen om het in zulke sterke en stellige bewoordingen te hebben over personen die zij feitelijk niet kennen.

Nep of echt?

Eén discussie tussen de tegenstanders en voorstanders valt mij in het bijzonder op: “She’s so faking it; she’s an actress!” vs. “Look at how real her emotions are, so vulnerable and sad, I can feel it in the pit of my stomach.” 

Wie van deze twee elkaar bevechtende groepen zou het bij het rechte eind hebben?

Meghans non-verbaal nader bekeken

Een blik op deze vraag vanuit het non-verbale laat mij de volgende uitingen van Meghan zien, terwijl ze met de interviewer praat (als je dat leuk vindt kun je met me meekijken. Ik ga in op het deel van 0.18 – 1.20 min in onderstaande video):

  • Over Harry en zijn angst dat haar hetzelfde overkomt als zijn moeder onder druk van de media: het bijten op haar lip wat duidt op spanning die ze probeert in te houden; dan wegvallen van de spierspanning rond de ogen en in het gelaat (regulatie op spanning); om over te gaan in een zgn. ‘social smile’, waarbij de mondhoeken omhoog krullen maar de lach niet tot aan de ogen reikt. Dit is een incongruente uiting die de ontvanger of gesprekspartner precies dat signaal geeft: hee, dit is raar, hier klopt iets niet.
  • Over het zwanger zijn en daarna zo goed mogelijk invulling proberen te geven aan het moederschap waarin alles nieuw is en daarmee moeilijk, laat staan onder de druk waaronder zij verkeren: toon gaat omhoog aan het einde van de zin (ongemak); ze reguleert de intensiteit van haar gevoel door weg te kijken terwijl ze probeert te formuleren; dan hoofd schuin en schouders omhoog, een heel giechelig, klein stemmetje hevig knikkend met weer die social smile en tegelijkertijd een strakke bovenlip, iets later klemt ze haar kaak opeen. Nu is er behalve de incongruentie van de social smile ook nog die van aan de ene kant een (om begrip) vragende, bijna submissieve houding en aan de andere kant een impuls vanuit wenkbrauwen, kaak en bovenlip: voor mij duidt dit op ongemak en spanning.
  • Ze sluit haar ogen en schudt even haar hoofd als ze zegt: “It’s a very real thing to be going through behind the scenes.”, om vervolgens bevestigend te knikken. Dan op de vraag of het dus echt moeilijk is voor haar, deze situatie, kijkt ze de interviewer recht aan en sluit haar ogen kort maar duidelijk voordat ze zegt: “Yes.” 

Lieg je als je je ogen sluit terwijl je bevestigend antwoord?

Links en rechts lees ik wel eens dat als iemand de ogen sluit en dan met een bevestigend antwoord komt, dit dús een leugen zou zijn. Deze bewering klopt niet; het sluiten van de ogen is weliswaar een regulatie maar niet per se omdat er gelogen wordt. Eerder is het de regulatie van een emotie of gevoel van spanning die de emotie oproept. Wat je dus kunt zeggen is dat dit onderwerp en deze specifieke vraag bij haar voor veel spanning zorgt.  

Conclusie

Op basis van bovenstaande zou ik zeggen dat ze een van de beste actrices ter wereld zou zijn als zij al deze onbewuste bewegingen bewust zou kunnen maken. Mijn educated guess is daarom dat Meghan, wat je ook verder inhoudelijk vindt van wat zij zegt, zich op dit moment oprecht niet goed voelt in haar leven en rol als lid van het Britse koningshuis.

Ze is daarmee extra-echt; ze doet zich namelijk ook niet sterker voor dan ze is.

Heel dapper, zeker voor iemand in haar positie.

#staytuned …

Kasper Dolberg: de mens achter het gezicht

Dat voetbalcommentatoren en -analisten de wetenswaardigheden over de voetbalsport en iemands wel of niet presteren op het veld kunnen beoordelen, daar twijfel ik geen seconde aan. Natuurlijk kunnen ze dat. Maar als ik lees over en luister naar de commentaren die deze zelfde beroepsgroep uitbraakt over -in dit geval- de mens Kasper Dolberg, rijzen mij de haren te berge. Als voorbeeld een greep uit een ‘goed gesprek’ van afgelopen zaterdag bij Veronica Inside tussen Valentijn Driessen (Chef Voetbal bij de Telegraaf) en Johan Derksen.

“Die Dolberg, ik weet niet wat ‘daar’ mis mee is.”

“Het maakt hem allemaal niets uit.”

“Hij heeft geen enkele emotie.”

“Loopt na het scoren als een zoutzak naar de middenstip met een kop van ’Ja, wat kan mij het schelen’ in plaats van dat hij blij is!” (de ironie als je ziet vanuit welke gelaatstrekken deze zin wordt voortgebracht, is dan wel weer om te glimlachen).

Achterover hangend in hun tv-studiostoelen en niet gehinderd door de notie dat ze met weinig moeite iemand nog even extra onderuit trappen. Een jonge jongen, op zo’n belangrijk moment in zijn leven.

In het geval van bovengenoemde commentatoren worden ze betaald voor dit format van afzeiken. Een heel slechte zaak vind ik al dit soort ‘vermaak’ dat plaatsvindt over de rug van een ander. Ik pleit voor integriteit en nuance. Want laten we ajb niet vergeten: we hebben het over mènsen.

Het is zo’n moment waarop ik weer even heel scherp en zeker weet waarom ik doe wat ik doe. Namelijk vanuit mijn analyse van microbewegingen in het gezicht, kunnen duiden wie ik voor me heb, hoe hij zal reageren onder spanning en onder welke omstandigheden iemand niet tot z’n recht komt en hoe dan wel.

Deze vaardigheid toepassend op Kasper Dolberg, waag ik het twee dingen te stellen:

1)     Het is misschien wel heel logisch dat hij in de situatie zoals bij Ajax is ontstaan, niet tot topprestaties komt. 

2)  Je kunt er vergif op innemen dat het hem wel degelijk boeit en dat zijn emoties intens zijn en diep gaan.

Analyse

Even een kleine uitleg van hoe dat zit met die analyse en duiding:

Onderzoek heeft uitgewezen dat ieder individu een consistente set van microbewegingen in het gezicht heeft, het zogenaamde Persoonlijk Non-verbale Repertoire (PNR). Deze bewegingen zijn zichtbaar ongeacht de situatie of interactie partner, zijn onbewust en niet te manipuleren. 

Met de INSA methode voor non-verbale strategie analyse wordt dit PNR bepaald. Hoe? Door bewegend materiaal te bekijken en simpelweg de microbewegingen te turven.

Natuurlijk zijn mensen oneindig complex en individueel verschillend maar het PNR geeft ons essentiële informatie over iemands persoonlijkheid en deze consistente bewegingen zijn een reflectie van evenzo consistente elementen in de persoonlijkheid. 

Het gaat niet over goed of slecht, sterk of zwak; ieder persoon heeft onderscheidende kwaliteiten en valkuilen en een basisbehoefte waar het de interactie betreft.

Het PNR van Kasper Dolberg

In de analyse van Kasper Dolberg komen de volgende microbewegingen consistent naar voren:

1)    Halfgeloken oogleden

2)    Optrekken van de wenkbrauwen waarbij de bovenste oogleden heel soms mee omhoog gaan maar meestal gaan ze meer hangen;

3)    Als hij knippert sluiten zijn ogen vaak niet helemaal, dit is de zgn. deelknipper

4)    Wenkbrauwen gaan in het midden omhoog

5) Beperkt knijpen van onderste oogleden (te weinig om mee te tellen)

6)    Openhangende mond; spierspanning in wangen en kaak is vaak heel laag.

Deze bewegingssset duidt op de volgende karakteristieken:

Kwaliteiten:

  • Doorzetter
  • Onverstoorbaar
  • Is op rustige manier resultaatgericht
  • Heeft veel geduld
  • Gevoel voor de situatie
  • Groot incasseringsvermogen
  • Betrouwbaar, stevig, tolerant

Basisbehoefte:

  • Gevoel van ruimte, ook voor zijn aanpak
  • Aandacht voor relatie in de interactie

Reflexgedrag onder spanning: 

  • Trekt zich terug in zichzelf
  • Haakt af bij verbale scherpte en negatieve druk
  • Loopt het risico het momentum te missen

De essentie van het reflexgedrag onder spanning van het “type Dolberg”, is het zich onzichtbaar maken, waardoor de beweging van het systeem letterlijk dan wel figuurlijk wegvalt.

En precies dat is wat je kan zien gebeuren over de gehele breedte van Dolberg’s uitingen: bewegingsloze gezichtsuitdrukking en in het veld te vaak net niet helemaal aangehaakt of net verkeerd getimed.

Even terug naar mijn twee beweringen aan het begin van dit artikel:

1)    Kasper en Ajax

Ik weet dat ik heel voorzichtig moet zijn met wat ik hier zeg, omdat ik verre van inside expert ben op het vlak van voetbal dan wel Ajax, terwijl heel Nederland dat wel is. Alles wat ik ‘weet’, weet ik van wat ik heb gelezen of gehoord en daar ligt dan ook nog eens mijn subjectieve beleving overheen gevouwen. Neem dit mee als je leest wat ik nu schrijf en overweeg gewoon voor de lol de mogelijkheid ervan: vanuit mijn blik op de context bij Ajax op dit moment, is het verloop van de carrière van Kasper Dolberg de afgelopen twee jaar, wellicht niet verrassend. 

Als voorbeelden noem ik het inzetten van Huntelaar als inspirator en aanjager voor Dolberg’s prestaties; dit lijkt eerder averechts te werken. Het jagen en killersinstinct van Huntelaar kunnen heel goed eerder intimiderend en opjagend zijn dan positief aanjagend. Als dit klopt dan legt het Dolberg eerder lam en logischerwijs maakt Huntelaar daar korte metten mee.

Ten Hag lijkt mij een heel goede coach en zeer betrokken bij zijn team en de individuele mens maar het zou kunnen dat hij geneigd is in de onderlinge interactie eerder nog wat harder druk te zetten op de prestatie. Hij zegt letterlijk: “Ik wil zien dat Kasper ervoor vecht en hij weet dat.” Op zich kan Dolberg dit prima aan alleen luistert de manier waarop nauw en is de reflex juist het omgekeerde als hij zich klem voelt gezet: hij valt meer stil en spreekt zich ook niet rechtstreeks uit over wat hij lastig vindt of liever anders ziet. Voor Ten Hag daarmee erg lastig.

2)    Kasper en emotie

Voelt hij dan niets en heeft hij geen emotie? Ik zou zeggen eerder andersom: van binnen woedt een storm.

Maar kan hij dat niet eens uíten, laten zien, zodat we meer gevoel hebben bij hem?

Nee, dat is extreem moeilijk. Juist het feit dat hij die spanning ervaart, maakt dat hij zo bewegingsloos oogt en reageert. Hij kan niet anders, het is zijn (onbewuste) reflex. Hier meer vat op te krijgen, vergt inzicht en oefening. Heel veel oefening. 

Onze spiegel

Wat ik me al schrijvend weer realiseer, is waar wij eerlijk naar moeten durven en blijven kijken. Namelijk dat – in dit geval- de behoefte om emotie bij Kasper Dolberg te zien, voortkomt uit het reflexsysteem van mensen die hem ongrijpbaar vinden; dus vanuit hun eígen behoefte aan houvast of vorm van push back. En dat veel van ons negatief uiten en – oordelen echt komt doordat het onszelf een ongemakkelijk gevoel geeft wanneer we in een interactie niet ontmoet worden in onze eigen basisbehoefte …

Een spiegel dus. Dat is wat het is.