Horrormonaal geregeerd? De 4S-methode helpt!

9CFA9CF3-0404-4780-8CC2-7683B34C84A5.jpeg

Zo’n dag dat je beheerst wordt door alleen maar zwarte gedachten: je iedereen haat en jezelf nog het meest. Je wil maar één ding en dat is het tij keren. Mogelijkheden genoeg, maar wat helpt nou echt?

Soms heb ik zo’n dag en lukt het me niet om de sunny side up te zien. Van níets niet. Draai ik rondjes in een maalstroom van zichzelf bewijzende, negatieve gedachten en acties over mezelf, de ander en eigenlijk de hele wereld.

Horrormonen

Ja. Deze gemoedstoestand heeft alles te maken met hormonale schommelingen en dan de uitschieters. In de jaren dat ik mijn kinderen baarde, was de intensiteit van zo’n periode echt HEEL. Erg. Nu ik op dit vlak weer een beetje in balans kom, staat voor mij het causale verband vast. Je leest het goed: een beetje in balans. Want ondanks het feit dat mijn kinderen al best groot zijn, is de Horrormonen-stress nog steeds niet helemaal weg. Ik leg me er bij neer dat ik eerst volledig menopausaal moet overgaan. En dat kan nog wel even duren.

Het Zwarte Gat

Een bijna zichtbaar proces voltrekt zich dat ik “Het Zwarte Gat” noem. Een steeds groter wordende, donkere wolk komt op topsnelheid aangedreven, om als een ware cumulus recht boven mij te blijven hangen en me met vacuüm-zuigende werking op te nemen in zijn inktzwarte midden. Ik verdwijn; de ik die al mijn loved ones kennen, is weg.  De wolk spuugt mij na een tijdje weer uit; deemoedig en vol schuldgevoel vanwege de schade, relationeel dan wel materieel. Waarna het grote lijmen begint.

Life sucks en jullie ook

Als ik in dat Zwarte Gat hang, terwijl ik me nergens aan kan vasthouden, ben ik volledig onmachtig. Niets is goed. Paranoia maakt zich meester van mijn normaal toch vooral positief gestemde gemoed en ik zie overal complotten van het universum dat maar één doel heeft: mij het leven zuur maken. Het is Alles; Niets; Nooit; Altijd; Allemaal en Niemand wat de klok slaat: I suck, you suck, life sucks!

De Social Media fuck, euh pardon, fuík

Verder dan mijn bank of computer om bozig te broeden of te werken kom ik niet en ik check manisch ongeveer ieder kwartier mijn e-mail, Instagram of LinkedIn. Natuurlijk leidt dit tot de ontluisterende conclusie dat helemaal NERGENS een reactie op komt en dat dus inderdaad NIEMAND zich een haartje voor mij interesseert. Diepbedroefd en wegterend van zelfmedelijden vind ik op mijn beurt iedereen meer dan stom.

Dat moet toch anders kunnen?

En dan komt het kantelmoment. Ik geef een van mijn kinderen weer eens onterecht het onderste uit de kan en krijg dat op niet mis te verstane wijze terug. Heel even gaat het licht aan en bedenk ik me dat er toch ook een effectíeve manier moet zijn om me af te reageren. Eén die niet het uitkafferen behelst of het slachtofferig zwelgen.

De 4S-Methode

En zo, “liefdevol” geholpen door mijn omgeving, ontstaat de voor mij heilzame methode van 4 S-activiteiten. Afhankelijk van lengte en intensiteit van de horrormonenperiode, komen ze allemaal aan bod en in volstrekt willekeurige volgorde.

  • Schrijven

    Het van me afschrijven, in woeste woorden de frustraties van me af timmeren. Met een beetje geluk ontstaat er een goed verhaal dat al schrijvende kalmeert. Soms komt er helemaal niets. Dan laat ik Schrijven voor wat het is.

  • Schrapen

    Als het droog is, ga ik de tuin in met een of ander grijpgraag stuk gereedschap om al het ongewenste groen weg schrapen. Ooit vervloekte ik de keuze om de oeroude en heel speciale baksteentjes te hergebruiken in de tuin. Inmiddels ben ik er blij mee, want ze bieden me de mogelijkheid om als een ziedende Sidonia te schrapen, totdat ik de spanning en stress voel verdwijnen. Het feit dat de tuin er ook nog eens van opknapt, draagt een opwekkend steentje bij.

  • Schilderen

    Er zijn altijd muren of muurtjes die nog wachten op die lik verf. Want ik haat het om te moeten doen. Aangezien ik dan toch al in een haat-bui ben, gaat dit naadloos in elkaar over. Als het werk gedaan is, voel ik me wonderlijk vrolijk en tevreden over mijn eigen daadkracht.

  • Seks

    Met lief, scharrel of jezelf. Het maakt niet uit hóe je het doet, áls je het maar doet, zodat de pretstofjes gaan stromen! Dopamines, endorfines en serotonines, heerlijke hormonen die vrijkomen en je hersenen en lichaam weer vrij en blij maken.

Doen!

Het Zwarte Gat, veroorzaakt door eigen hoofd en lijf, overwin ik nu met precies datzelfde gereedschap, dankzij een methode die garant staat voor glanzend resultaat. Gebruiken dat lijf en blij maken dat hoofd! Dat levert tenminste iets zinvols op.

Een treetje hoger

5AC43F2F-D879-4334-ADAA-71A04915ADED

“EN WAT ZEI JIJ TOEN, THIJS?! WAT ZEÍ JIJ TOEN??!”

Thijs roept wat hij zei en ondanks dat het mannetje niet bepaald een zachte stem heeft, is het zwaar voor hem om op te boksen tegen het bulderende geweld van de lach van zijn moeder. Haar buurvrouw jodelt hard-hoog mee, Thijs en zijn antwoord gaan helaas kans- en daarmee roemloos ten onder.

ÍEDEREEN, ECHT ÍEDEREEN GING STUK, HÈ??!! -moeder Thijs geeft buurvrouw een peut met haar elleboog ter bevestiging. Deze knikt terwijl zij snikkend giert en lijkt daardoor sprekend op het lachende icoontje waarbij de tranen uit de ogen springen- WHAHAHAHAHA!!!

Ik ben benieuwd wat het nou was dat Thijs zei maar leg me er bij neer dat ik het nooit zal weten.

We zitten in de chillruimte van de dansschool van de jongste. Hij heeft balletles en ik zit in de chillbank met mijn computer op schoot. Samen hebben we een fijn ritme ontwikkeld gezien het gegeven dat we hier wekelijks midden op de werkdag naartoe moeten komen. Hij danst, ik klus. Daarna drinken, eten en zingen we (vals) in de auto op weg terug naar huis.

Alsof hij dit ruikt, zingt achter mij Thijs ineens een liedje, over Sinterklaas in zijn blote kont en iets met een mond. Af en toe valt hij stil om te zien of ook dit succesnummer al wordt opgepikt aan de bar en beloond met daverende lachsalvo’s. Maar helaas voor hem ratelt en reutelt men daar zonder pauze door.

Ik voel met hem mee en geef hem een knipoog als hij voor me langs loopt. Stoïcijns kijkt hij me met halfgeloken ogen koeltjes aan: ”Sint…Kont…mond …” en loopt zonder verder sjoege te geven door.

Waar je ook maar komt voor je kinderen, overal is sprake van een zekere pikorde tussen de aanwezige ouders. Ook op een dansschool, zeker een die bekend staat om z’n ambitie en de vele talenten die er rondlopen. De pikorde wordt hier niet bepaald door afkomst of hoeveel je verdient maar wel door de onderlinge connecties, de anciënniteit, de bijdrage aan de shows en natuurlijk in hoge mate wat er via het dansende kind op jou als ouder afstraalt.

Alleen wat dat laatste betreft maak ik op een dag misschien kans op een opwaartse beweging langs die sociale ladder. Verder ben ik: niet-van-hier, net-nieuw, nog-geen-show-meegemaakt-en-zo-op-het-oog-geen-talent-voor-kostuums-of-schmink.

Zelfs Thijs heeft dit kennelijk haarscherp door.

Het gejoel aan de bar neemt weer toe in volume, twee net binnengekomen ouders zijn er bij gaan staan en delen mee in de feestvreugde. En net als ik me afvraag of ik me nou buitengesloten en dus zielig moet voelen of juist opgelucht omdat ik er niets mee hoef, staat ineens Thijs weer voor me. Ik ben de lulligste niet dus kijk hem toch maar even aan.

Dan geeft hij mij een grote knipoog. En met een verlegen grijns laat hij me woordeloos weten dat ik op de ladder van zíjn pikorde in ieder geval een treetje ben gestegen.

 

(de naam van ‘Thijs’ is gefingeerd)

Premeditatio Malorum – van lijden naar leiden

IMG_0299

“Premeditatio Malorum”. Klinkt een beetje als een Harry Potter-bezwering, vind je niet?

Waarbij je dan met zo’n toverstokje zwaait om vervolgens luid en gedragen “PRRREEE-MEE-DITAAA-TIO MA-LOO-RUMM!!” het universum in te gooien en poef!, voltrekt zich het wonder.

Ja, mooi!

Zo werkt dit alleen niet helemaal.

Stoicijns leven

De Premeditatio Malorum is een oefening uit de Stoïcijnse leer en houdt in dat je nare dingen of problemen in het leven te boven komt, door de geest erop voor te bereiden.

Heel kort: de leer der Stoïcijnen is een van oorsprong Griekse filosofie. Vrij vertaald laat de ware Stoïcijn zich niet leiden door opvlammende emoties. Acceptatie van het moment zoals het zichzelf presenteert geeft kalmte en overzicht en daarmee vrijheid van handelen.

Stille geest

Laat dat nou een van de doelen in mijn leven zijn: het nastreven van zo’n soort vrijheid. Het verkrijgen van een stille geest in plaats van een brein dat te vaak direct in de overlevingsstand gaat en mij daardoor ook nog wel eens op voorhand tegenhoudt te doen wat ik wel graag zou willen doen.

Of bangebroek

Angst voor het emotionele effect, het zogenaamde lijden, weerhoudt mij van bijvoorbeeld:

  • Midden op straat in gezang uitbarsten omdat mijn hart jubelt en ik daar zo’n zin in heb maar wat ik niet doe omdat ik niet kán zingen, iedereen me vast gaat uitlachen en ik voor paal sta.
  • Mijn of onze rugzak pakken en gáán! Het spaargeld bestedend aan allerlei waanzinnige ervaringen, zoals ik dat altijd deed. Maar sinds ik er financieel alleen voor sta, hou ik mijn hand op de knip. Want straks lekt het dak ineens of stort de 200 jaar oude buitenmuur in en dan? De paniek van het dan niet in staat zijn de basis te kunnen fixen, slaat mijn reislust helaas neer.
  • Meer lak hebben aan wat anderen misschien van mij vinden. Bijvoorbeeld met wat ik schrijf. In alle vrijheid woorden geven aan wat in mij opwelt om verteld te worden om daarna gewoon op ‘publish’ te drukken. De grote kans op narrige reacties, aantijgingen en geroddel weerhouden mij ervan. Waarom? Tja; angst voor afwijzing, niet geaccepteerd of uit het nest geduwd worden.

Glibberend naar beneden glijden

Een klein puntje van een grote ijsberg. Waar al die angstige vermoedens vandaan komen is weer een ander verhaal maar bij elkaar is het behoorlijk nederigmakend voor iemand die het leven ‘unbounded’ tegemoet wil treden, vrij van zelfopgelegde grenzen.

Daarom streef ik ernaar mij in mijn keuzes minder te laten leiden door de angst voor pijn, verdriet, onzekerheid of wat dies meer zij. Natuurlijk, die ijsberg van mij is niet meer dan menselijk. Iedereen heeft zo’n berg. Maar ikzelf heb de keuze of ik er de hele dag vanaf glibber of dat ik het ding met ijzers, touwen en een pikhouweel bedwing.

Tools dus

Premeditatio Malorum ís zo’n tool. Je haalt je een vervelende situatie voor de geest die jou zou kunnen overkomen en stelt je voor hoe en wat die situatie emotioneel met jou doet. Dit met enige regelmaat oefenen ontneemt de emotie zijn macht jou te overweldigen op het moment dat de vervelende gebeurtenis zich inderdaad voordoet. Want; been there, done that.

Ga maar eens nare dingen na die jou vaker dan eens zijn overkomen. De tweede, derde of -tigste keer was de emotie waarschijnlijk net iets minder overweldigend dan die eerste ervaring.

Van lijden naar leiden

Let wel: het betekent níet dat je de emotie niet hebt! Het bewerkstelligt dat de emotie jou niet, of in ieder geval een stuk minder, overvalt en meesleurt en dat je mentaal gebalanceerder kunt (over)leven. Wanneer die rotsituatie zich voordoet, ben jij voorbereid en daarmee kalmer in je bovenkamer die vervolgens soepeler kan doorschakelen naar aanvaarden en doorgaan.

En als je weet dat je kunt aanvaarden, dan weet je ook dat je kunt Doen. Zie je het voor je? Magisch!

Tóch een beetje Harry Potter dus.

 

Rendez-vous

IMG_2998

Ik heb een werkafspraak op een buitenlocatie. Groot parkeerterrein en buitenloop-gebied. Ben iets te vroeg dus blijf nog even in mijn auto zitten om een paar apps weg te werken. Naast mij staat een auto met een vrouw erin die hetzelfde doet. Denk ik.

Ze kijkt even op, naar mij, fronst licht en duikt weer in haar mobiel. Dan verschijnt een andere auto met een man achter het stuur, die dicht naast haar aan de andere kant parkeert. Koket wuift zij haar vingers naar hem terwijl ze haar telefoon weglegt.

Aha. Dit is niet zakelijk.

Tegelijkertijd stappen beiden uit de auto en vallen elkaar in de armen. Vooral de vrouw valt. Diep. Ik zie het gewoon gebeuren. Blind voor en ongegeneerd naar haar omgeving, is haar lust voor de zojuist gearriveerde man tot in mijn auto voelbaar. Zij lijkt wel vloeibaar en waar ze net nog wat verstoord had gekeken ziet ze er nu in-gelukkig uit.

Hier zijn, op deze plek op dit tijdstip, maakt mij onbedoeld toeschouwer van hun intieme uitwisseling. En omdat dit nu eenmaal het gegeven is, besluit ik deze rendez-vous evenzo ongegeneerd te observeren.

Zij draagt een trouwring. Hij niet. Beide rijden in typische familie-auto’s. Zij een wat oudere Renault en hij een VW; lease-bak. In beide auto’s staan op de achterbank kinderstoeltjes. Bij haar 2, bij hem 1.

Ze zuigen zich aan elkaar vast tussen de deuren van hun bolides. Ik bekijk het geamuseerd. Dan gaat haar telefoon die kennelijk nog ergens op de bijrijdersstoel ligt. Met een wild schrikgebaar laten ze los. Zelfs ik schrik. Ze graait naar haar telefoon, kijkt wie het is en drukt diegene weg. Rode wangen en schuldbewuste ogen die de mijne even raken. Ze stopt haar telefoon in haar tas en gooit de autodeur dicht. Hij checkt ook nog even zijn mobiel en stopt die dan in zijn achterzak.

Ik zie hem zeggen: “Ga je mee?”. Ze knikt en samen lopen ze richting het weidse en met bossen omzoomde wandelgebied.

Met allemaal vragen blijf ik achter. Wat gaan ze nou doen? En wáár?! En zou dit misschien via zo’n vreemdgangers-site zijn ontstaan of is zij een stiekeme Tinderella? En, en, of, of??!!

Ik wil het allemaal weten maar zal geen antwoord krijgen. Balen…

Instant geluk, ook als je níet het type ‘happy camper’ bent!

Geluk

#DagvanGeluk, met heuse eigen #. Wij menen het serieus met het geluksconcept. Terecht, want bij mensen die zich gelukkig voelen, is het over het algemeen leuker, vrolijker en inspirerender toeven.

Ik doe dus ook mijn best de geluksmomenten te herkennen, uit te stralen, te voeren en te vieren. Ook al is het voor mij niet vanzelfspekend, want ik ben niet altijd lichtvoetig, gebalanceerd of van het type ‘Happy Camper’. Mijn scores kunnen nogal uitslaan: grote-hoogten-diepe-dalen. Zo godsgelukkig als ik me kan voelen, zo loodzwaar kan ik het ook hebben met mezelf, alles en iedereen om mij heen.

In de jaren heb ik hard gewerkt om de scherpe randen van dat zware of sombere gevoel te verzachten. Zo heb ik leren accepteren dat het gewoon soms zo ís – er is nu eenmaal weinig echt te doen aan hormonale schommelingen bijvoorbeeld – en dat ik er desondanks nog steeds mag zijn. Zelfs als dat betekent verlept, broedend of exploderend als een vulkaan. Ook heb ik geleerd dat de gedachten die dan door mijn hoofd galmen, gewoon niet waar zijn en daarmee direct te relativeren tot nep of verwaarloosbaar. Klinkt simpel, werkt groots.

En toen las ik ineens een vrijwel geheel begrijpelijk artikel over de neuroscience achter happiness en wat blijkt? Het gevoel van geluk is op te wekken, op een manier die ook voor iemand als mijzelf mogelijk is. De crux zit ‘m in het creëren van een aantal goede rituelen:

Pluis je brein uit op zoek naar die dingen waar je dankbaar voor bent

Ja hoor, heb je weer zo’n zeveraar: wat een dooddoener, as if! Ik hoor het menigeen denken. Stiekem dacht ik zelf voorheen ook iets langs die lijn. Maar, nergens te beroerd voor, probeerde ik het toch uit. Nadat ik mezelf even had toegestaan te zwelgen in alle shit en me daar vooral alleen maar slechter door voelde, verving ik vervolgens alle gedachten die opkwamen over wat zuur danwel mislukt aan mijn leven was óf wat anders had moeten zijn, door iets waar ik dankbaar voor ben.

Na deze exercitie voelde ik me een heel stuk beter. Niet alleen voor 5 minuten; het gehele depressieve gevoel was gaan liggen. Het was zelfs moeilijk om iets stoms te bedenken. Want wat blijkt? Met het zoeken naar dankbaarheid in je brein komt een wolk aan ‘serotonine’ vrij: een typisch geluksstofje.

Druk je gevoel uit in simpele woorden

Ik weet niet hoe jij er mee omgaat maar voorheen ging ik vaak heel erg mijn best doen om me niet te voelen zoals ik me in het echt wel voelde: somber, slecht of gewoon moes-kapot. Maar toen las ik dat wanneer je de emotie erkent en met een of twee woorden voor jezelf beschrijft, deze direct vermindert. Dus stel je voor: je zit op de bank jezelf slecht te voelen, geef dan een woord aan dat gevoel: is het angst of boosheid of ben je ongerust? Hoe je het ook noemt, hou het simpel.

Waarom werkt dat? Ik begrijp het zo: het koppelen van een woord aan het gevoel, maakt dat het limbische deel van de hersens (waar vanuit je emoties voortkomen) kalmeert en de emotie daarmee afneemt. Dit is een pindakaas-uitleg voor iets ingewikkelds, maar ik ben dan ook geen neuro-specialist. Ik ben ervaringsdeskundige die niet exact hoeft te weten HOE, maar vooral DAT het werkt.

Neem een besluit

Twijfelen is de hel. Het heeft een upside, dat weet ik, maar het echte, ingebakken twijfelen omdat je het niet fout wil of mag doen van jezelf, dat is geen fijne plek om te zijn. Ik weet daar alles van. Streven naar foutloos, perfectie, heeft de werking van een zee waarin je steeds kunt verdrinken: een plek waar je dus nergens controle over hebt. Terwijl het nemen van een beslissing voelt als controle en dit vervolgens waarmaken – niet omdat je het moet maar omdat je het wíl – als het krijgen van een cadeau.

Komt dat even goed uit; ik word heel gelukkig van cadeautjes!

En tot slot mijn favoriet: omhels, omhels, omhels

Deze was mij al zeer bekend; de heilzame en niet te onderschatten werking van de aanraking. Het uitwisselen van liefde, erkenning en acceptatie krijgen van een ander. Ik ben van nature van het aan-raken, in woord en in daad. Maar er was een tijd dat ik dit stuk van mijzelf kwijt was, zó figuurlijk dat het bijna letterlijk werd. En dat deed pijn. Het is moeilijk te omschrijven maar niet kunnen (aan)raken doet echt pijn.

Gelukkig behoort deze periode tot het verleden en omhels ik mijzelf met grote regelmaat helemaal plat aan mijn liefsten, naasten en iedereen die dat nodig heeft.

Echt. Instant #geluk.

 

Wabi Sabi

 

wabi-sabi

Na een drukke werkweek met 2 doorwaakte nachten, trek ik zaterdagochtend nog zonder koffie of ontbijt achter de kiezen en half slapend maar gehaast want laat, de deur achter me dicht om mijn jongste naar zijn als altijd idioot vroege voetbalwedstrijd te brengen. Ik draai de deur op slot maar de sleutel doet niets. Gaat niet naar links en ook niet naar rechts. Ergens achter in mijn duffe brein daagt iets.

F*CK!!!!!! De sleutel aan de binnenkant zit er nog in.

Zeer slecht nieuws want alles zit potdicht, het is tenslotte stervenskoud. Ik kom dit huis niet meer in. In ieder geval niet zonder een raam of deur te mollen. Foeterend op mezelf vraag ik vriendelijk doch enigszins dwingend of mijn zoontje snel zijn fiets pakt. We dreigen inmiddels serieus te laat te komen. 

Onderweg blijf ik woest tegen mezelf mopperen. Over stom, dom, sukkel en dat soort verheffende zaken.

Mijn kleine vriend fietst snel maar bedachtzaam mee. Even probeert hij mij te verlichten met de mededeling dat het eigenlijk zijn schuld ook is want hij heeft er óók niet aan gedacht, etcetera.

 Vertederd en tegelijkertijd me bewust van dit précaire moment, kijk ik hem aan en verzeker hem dat dit zijn taak noch verantwoordelijkheid is. Opgelucht pedaalt hij door.

 

Op de voetbalclub aangekomen geef ik hem een zetje richting teamgenootjes. Als hij bijna bij hen is, kijkt hij nog even naar mij om. Ik realiseer me hoe hij mij moet zien: licht verwilderd, bleekjes van slaap en bij gebrek aan een werkende hersenpan, met een lege blik in opgezette ogen. Ik verstop me achter de luiken die even helemaal dicht gaan.

 

Hij draait zich op zijn hielen om en komt op een drafje terug. Heel dichtbij komt hij staan met zijn gezicht naar mij opgeheven. Hij boort zijn heldere ogen in de mijne en laat me in volle openheid zien wie hij is. En terwijl ik daar met open mond in wegzak, zegt hij zacht maar heel bewust: “Mama? Vraag.Om.Hulp.”

 

Dan draait hij zich weer om en draaft naar team en kleedkamer.

 

Verbluft blijf ik achter. Niet eerder was ik mij zó bewust van de mate van schoonheid die ook in een waardeloze situatie kan zitten.

“Is hij nou mijn stief-váder?” en andere enge vragen bij een nieuwe liefde

IMG_9909

En toen was er nieuwe liefde in mijn leven. Heerlijk maar ook spannend. Beiden komen we met kinderen, exen, ouders en andere aanverwanten. It’s a first voor ons en ook voor hen. En dat maakt dat af en toe enge vragen worden gesteld.

Vragen waarbij mijn mond wel opengaat maar er slechts vage woorden of niet-determineerbare klanken uitkomen. Antwoorden waar niet zo heel veel touw aan vast te knopen valt.

Help!

Waarom vind ik het enge vragen? Omdat ze me eraan herinneren hoe het eerder ook misging en niet alleen ik maar ook anderen daar heel verdrietig van waren. Omdat ik merk dat er derden zijn die niets met onze liefde te maken hebben en wel onlosmakelijk zijn verbonden met onze relatie. Omdat het prima is dat je eígen kinderen soms zien, horen en dus weten dat jij een boze moederheks kunt zijn, maar heel zielig voor andermans kinderen.

En overall omdat het hartstikke kwetsbaar voelt: het managen van andermans verwachtingen wanneer je ze juist zelf probeert níet te hebben en het dealen met andermans angsten als je die van jezelf nog tracht het hoofd te bieden. Ja, wat mij betreft ernstig enge vragen dus:

Mama, wanneer gaan jullie trouwen?

Mijn jongste van 7 mist iemand in een 1-ouder gezin. Slechts één groot mens in huis past niet in zijn utopische plaatje van hoe het ’t beste toeven is. Natuurlijk wil hij dat papa en mama gewoon gezellig samen in hetzelfde huis wonen maar als dat niet kan, dan is de tweede beste oplossing een andere leuke volwassene. Dus wat hem betreft geldt: niet te lang dralen, the more the merrier, vooruit met de geit. Praktische bezwaren doet hij sowieso niet aan en dat zijn moeder enkele mentaal-psychische ‘beertjes’ op haar weg treft, is niet iets om met hem te bespreken. Dus blijf ik hangen in een “Eehmm, tsjaa, nou, haha”-achtig non-antwoord. Ik kom ermee weg maar weet niet voor hoelang dat zal zijn.

Hou je wel het belang van de kinderen goed in de gaten?

Deze vraag is mijn achilleshiel pur sang. Want als ik íets doe in het hele proces van moeder-zijn, scheiden en nieuwe relaties hebben, is het mezelf schuldig voelen naar de kinderen en hen op de eerste plaats zetten. Ik moet eerder uitkijken dat ik mijzelf hierin niet voorbijloop of vergeet, dan dat ik niet über-zorgvuldig handel in het belang van mijn kinderen. Ja, óók als ik verliefd ben. Iedereen die mijn verhalen leest of kent, weet dat en de vraagsteller van deze vraag zou het zéker moeten weten. Het is goed bedoeld en ook vanuit zorg voor het kroost gesteld, desalniettemin ga ik er lichtjes van in steigerstand.

Het is er toch niet wéér een die direct wegvliegt?

Sinds ik hiervan ben bijgekomen, zie ik in dat de vraag voortkomt uit lieve betrokkenheid. De relaties die ik tot nu had, waren lang genoeg om mijn ouders ervan op de hoogte te stellen. Maar hen kennis laten maken met desbetreffende “beau”, daar kwam het niet van. Nu wel. Maar mijn ouders hechten zich ook aan mensen. Een ‘nieuwe’ ontmoeten, betekent voor hen dus dat zij zich weer open zullen stellen en daarmee ook het risico lopen van afscheid nemen. Maar ja, ik doe niet meer aan garanties waar het de zaken van het hart betreft. Dat heb ik geleerd. Dus mijn antwoord is: “Vandaag is het goed. En morgen vast ook.”

Blijft je bij ons slapen?

Natuurlijk blijf ik bij hem slapen. Maar nog niet als zijn kinderen thuis zijn. Het idee van 24/7 meedraaien in een gezin dat niet het mijne is of opstaan en dan met een soort vogelverschrikkershoofd de rest van het huishouden de stuipen op het lijf jagen: ik ben daar niet aan toe! Mijn zelfbewustzijn zou overuren draaien. Ik heb nog even tijd nodig en het ongecompliceerde van ‘just the two of us’. Heel moeilijk om uit te leggen aan kinderen die mij met open armen ontvangen. Het ligt aan mij lieve schatten, alleen aan mij!

Is hij nou mijn stief-váder?

Mijn middelste is degene die het meeste tobt, denkt, voelt en bij anderen stil staat. De blik in zijn ogen zuigt mij mee naar zijn beleving: wat moet hij hier nou écht van vinden? Deze nieuwe man, hoe leuk ook, is die er in plaats van mijn vader? Is hij nu de Man in Huis? En als ik hem leuk vind, pleeg ik dan een vorm van verraad aan mijn papa?

Ik stel hem gerust door te luisteren en te beamen dat er maar één papa is voor hem en dat alles wat hij voelt of denkt goed is. Ondertussen denk ik bij mezelf: ik vind het veel te fijn om alleen te zijn en mijn eigen ding te regelen en doen. Geen afhankelijkheid maar de Vrouw in Huis!

Enge vragen zetten aan tot moedig zijn

Deze vragen dwingen mij naar de toekomst te kijken. Ooit deed ik dat al en kreeg ik het deksel op mijn neus. En nu zie ik wat er gebeurt! Ik ben bang geworden: bang om op te geven wat ik verworven heb, bang om niet geaccepteerd te worden, bang voor -weer- pijn en verdriet. En dus verschans ik me in mijn nieuwe comfortzone en hou ik niet van enge vragen die me daaruit trekken. Maar de andere betrokkenen zetten mij zo terecht aan tot moedig zijn. Voor hen en ook voor mezelf.

Dus, let’s do this. Nieuwe liefde: inderdaad heerlijk en inderdaad heel spannend. Kom maar op met je enge vragen!